Jeugdsentiment gedicht II

JEUGDSENTIMENT.

Weet je nog wel van toen

je niet beter wist dan toen

de straten geen auto’s kenden

en de melkboer met zijn melk ventte

de groenteboer met zijn Goliath driewieler

met verse groenten en fruit door de straat

de scharensliep die messen verzorgde

en af en toe een draaiorgel dat riep

dat de buurt jouw buurt was en niet mee rdan dat

de lagere school met een overvolle klas

een Surinamer die les gaf aan mij

en een eigen kleurtje en geurtje gaf

de schoolmelk die lauw werd aangeboden

en de doppen die gingen naar Afrika

op maandag de dubbeltjes en de kwartjes verdwenen

om te sparen voor iets dat er toen ook al was

de overgang naar een volgende klas

en opa en oma wat centen gaven

of de nieuwe schoenen die stonden op het opklapbed

een eigen slaapkamer

en mijn zus in dat andere bed

het geweer dat ik wist te bemachtigen

omdat de sleutel boven op de kast

en ik uit het raam ging hangen en ieder

die langskwam met luide stem riep

ik schiet je dood

de agent die binnenkwam en onder het bed

van mijn zus mij naar voren wist te halen

’s avonds bij pa en ma op bezoek

en ik de wind van voren kreeg

laat staan dat mijn vader dat geweer zag verdwijnen

of die keer dat hij ons uit bed haalde

en overtuigt was van het feit

dat wij die 9000 gulden gevangen

voor de huizen van zijn ouders

nooit meer zouden zien

het doet er niet toe, het heeft niets om het lijf

het zijn mijn herinneringen

dat staat buiten kijf

en dat ik ze nu heb vastgelegd

wil niet zeggen dat ik mijn leven heb uitgelegd!