Gedicht I

WAARDE.

Het heeft niets om het lijf

maar het blijft een gegeven

het duurt in het algemeen

heel simpelweg een mensenleven

op een goede dag aanschouwde ik het licht

was me niet bewust van het gezicht

dat tranen met tuiten liet lopen

terwijl mijn armen en benen wat kropen

ik werd gewassen en kreeg kleren aan

en huilde de longen uit mijn lijf

deed mijn allereerste plas

en niets meer bleef zoals het was

kreeg een naam waar ik het nu nog mee doe

lag veel te slapen en kreeg borstvoeding toe

leerde piesen op een potje

liep heel vaak in mijn blote kon’

want luiers in die tijd waren op de bon

ging met mijn ouders naar een ander huis

inwonen was in die tijd gewoon

woningtekort was hetgeen dat je nekte

er was geen overvloed in vergelijking met de gekte

welke ons aan alle kanten overspoelt

hoewel men anders doet dan men bedoelt

wat heeft het voor zin om je druk te maken

als anderen hun zaken

naar voren gaan brengen op een manier

welke geen recht doet aan hun banier

kijkend naar mijn verleden

heb ik niets te klagen, hooguit vragen

die niet te beantwoorden zijn

en juist daar schuilt nu het venijn!