Aan de haal
Het heeft veel weg van een zoekplaatje. Een beetje van Haasteren, een weinig van Sanders en voor je het weet verdwaal je in een bos waarin het vergeefs zoeken is naar Alice. Die schijnt verdwenen te zijn in een labyrint dat zich onderaards ergens bevindt. En waar de vlaggen niet door de wind worden bewogen, laat staan dat er ergens een storm opsteekt. Dus wederom een verhaal dat nergens op slaat, hooguit dat er wat konijnenkeutels te vinden zijn van een haas welke op een dwaalspoor terecht is gekomen. Om over mogelijke eieren dan maar weer te zwijgen. Je merkt het al, waar elders mogelijk hoorngeschal de komst van de postkoets aankondigt kan het hooguit een mogelijke keizer die een kiezer weet te verleiden. Met andere woorden: Alkmaar maakt zich op om met een nieuwe coalitie de stad in beweging te zetten. Maar ook daar heb ik reeds melding van gemaakt onder de noemer treurnis. Zo blijf ik toch een beetje in cirkels rondhangen, hetgeen mijn gemoedsrust tot stilstand brengt. Moet mezelf dwingen om voldoende vocht tot mij te nemen, de mogelijke trek blijft in gebreke en kan me niet direct verheugen op de maaltijd die mij te wachten staat. Of de drank die ik tot mij neem om mijn ijzer met wat spuitwater, dat wil zeggen met bubbels tot mij te nemen. Krijg dan ook regelmatig met goedbedoelde raad rond mijn oren. En onderwijl maak ik me op om wat zaken tot mij te nemen met in het vooruitzicht dat ik op termijn toch mijn verjaardag hoop te gaan vieren. Grappig is dan dat ik het kleinste stripboek straks naast een driedubbelboek kan gaan plaatsen, wat mij doet denken aan de werken van Kees Oosterbaan. Die elke dag wel weer een tekening van zijn hand niet alleen weet in te kleuren, maar ook nog weleens van een tekst weet te voorzien.
Waardoor ik indirect toch weer met deze vriend aan de haal kan gaan…
