Stilaan.

KEER WEER OM.

Wanneer de keerzij zich gaat verheffen

de ommekeer tevoorschijn komt

het masker niet langer kan verbergen

wat achter dat masker verscholen lag

de ochtendstond de nacht verjaagt

en niets er meer toe doet

de merries het spoor bijster zijn geraakt

en de avondstond ontwaakt

wanneer beelden uit het verleden

zich opdringen naar vandaag

het antwoord schuldig blijven

dan blijft nog steeds die vraag

wat dwingt het verleden naar het nu

die onverkwikkelijke momenten

wat toen al was en vandaag in nu

dat onverwerkte verleden

het stil verdriet dat tranen droogde

de evenaar als een balans

Neptunus zich uitte in onverklaarbare zorgen

en geregeld weg was, bepaald niet thuis

waarbij de last van het verleden

de lust liet schrompelen en rimpels

als wimpels in de wind

de hedendaagse tocht vergezelden

en langzaam aan, aan het sterven was

de klaarheid van het licht geborgen

in het licht van een volle maan

de gloed van die maan in de plas

met oevers die buiten de paden traden

en ik mij door het kroost heen waadde

gebukt ging onder een last

die stilaan van mijn schouders gleed.