Overgave

Het heeft soms wat weg van een overgave. Nu wil ik niet beweren dat overgeven in mijn bloed zit, maar geregeld doet het zich voor. Dat ik mij overgeef aan de omstandigheid. De samenloop die een belangrijk deel van mijn leven voor zijn rekening neemt. Met een willekeur die zich niet op voorhand laat voorspellen. En juist die willekeur kan dan verrassende effecten tot gevolg hebben. Bijvoorbeeld door een instorting op termijn voor te zijn en dan weer geconfronteerd worden met mijn verleden. Toen ik nog volop in de omstandigheid verkeerde van de werkzaamheden die ik toen mocht verrichten. En waar ik nu dan ook node afscheid van neem. De noemer” ‘Sjeesus Wik, jij bewaart ook alles!’ Woorden afkomstig van Ellen Muntjewerf. Ellen die in het zicht van de haven besloot om haar opleiding tot Psychiatrisch verpleegkundige niet af te maken. En daar mogelijk geen enkele spijt over heeft…
Soms hebben zaken wat weg van geesten. Niet zozeer Heilige Geesten, meer in de trant van spookverschijningen. Nu kan Bassie wel beweren dat spoken niet bestaan, maar je zult ze de kost moeten geven die hier dan weer heilig van overtuigd zijn. Klopgeesten en geestverschijningen waarbij geen enkel geestverruimend middel werd gebruikt. Laat staan een geestverwekkend middel. Of het moeten zijn dat iemand met een geloof de woorden van de Heer tot zich weet te nemen. Want over de Heer gesproken, kwam ik het volgende tegen:
Als ik God was / (mocht Hij bestaan, / of iets of iemand van die grootte) // Als ik God was, / zou ik de aarde / onder de arm nemen, een rustig plekje uitzoeken / en zeggen:
“Wij moeten eens ernstig praten”.
Geest ver ruimen d in zekere zin. Nu ben ik niet altijd even zeker van mijn zinnen, de kenmerken van mijn schrijfsels liegen er veelal niet om, maar zo’n schrijven geeft goed weer waar de dichter F. Vermeulen op dat moment stond. Of beter gezegd: wat toen in zijn geest verscheen. Dan nog is het zaak de woorden zodanig in een verband te gieten, dat de lezer niet veel meer hoeft te doen dan die betreffende woorden tot zich te nemen, gelijk een fijnproever zijn tong laat strelen en een parfumeur andere zinnen weet te prikkelen. Het dient nu eenmaal wat zinnenprikkelend te zijn tegenwoordig. Wie dit nalaat loopt daardoor mijlen achter en gelijk de boot te missen. Dan heb ik het niet over de veerman!
Neen, F. Vermeulen was zijn tijd toen ver vooruit. Ik praat over 2 september 2000.en citeer met veel plezier een ander gedicht van zijn hand.
BEHOUD DE WEELDE.
De leeuw in ons legt zijn manen af / voor een schaapsvacht. / Met onze jichtige klauwen / graven wij een gracht. / Omheen ons dierbaarste bezit: / ons huis en de bewoners. / Duizenden burchten ontstaan. / De betekenis ‘solidariteit’ /geschrapt uit ons historisch geweten. //
Verderop, / in Cafe ‘De Volksvriend’, / schudden de gretige handen / van de politieker en de manager: / een faillissement is nakend. //
Woorden met en zonder betekenis, gelijk een patatje oorlog waardoor de vrede ver te zoeken is. De jachtige strijd om het bestaan en het schrappen van honderden dan wel duizenden banen. De percentages die om je oren vliegen en de inhaalslag die dient om banken te redden. Van een ongewisse dood, gelegen aan het infuus dat Overheid heet. Of heet te zijn. Een, de dan wel Het overheid. Waarbij het laatste niet direct tot de mogelijkheden zal gaan behoren. Maar diezelfde Overheid heeft voor mij iets onzijdigs. Heeft veel weg van een spookverschijning. Een klopgeest die bellen laat rinkelen en overschrijdingen beboet. In zo’n geestverruiming doet zich geen versmalling voor, wordt er niet gewaarschuwd voor drempels laat staan dat er met minder ambtenaren meer regels zullen worden bedacht. Vanwege dat bepaalde karakter. (inter)((nationaal)). Waarbij de haakjes dit keer de beperkingen aangeven. De drempels. De hobbels en de kuilen. Valkuilen veelal. Niet direct aan mij besteed. Neen, ik kijk nu liever uit naar morgen.