Toen…

Het is niet nieuw, maar ook niet oud. Het was in een tijdperk dat ik me nog op een andere manier kon gaan uitleven. In een periode dat ik nog goed in staat was om bepaalde emoties om te zetten in wat lettertjes. Waarvan de betekenis pas achteraf tot waarheid zouden kunnen komen. Herinneringen. En van de vele herinneringen die ik tot mijn beschikking heb, daar is een groot deel van verdwenen. Dan is het goed dat ik op een ander moment dit heb vastgelegd. En waarvan ik vandaag de dag nogmaals getuige van mag zijn. Het zijn wat simpele woorden, de betekenis is echter verstrekkend. Gelijk ook woorden niet altijd vertolken wat de spreker daarmee heeft bedoeld. En waar menig wanklank een rol in kan gaan spelen. Een uittocht van een intocht die tot grote droefenis kan worden beschouwd. Een gevallen kabinet dat er van alles aan gelegen is om het land onbestuurbaar achter zich te laten. Het heeft veel weg van eendagsvliegen, de opkomst bij het ochtendgloren en de dood tegen de avond. Maar er zit altijd wel weer wat goeds is het vat te weten: wachtgeld. Waar de belastingbetaler zich niet langer schuldig over hoeft te voelen. Het zal je maar gebeuren dat je jaarlijks zo’n 140.000 euro bij elkaar weet te harken. En dan komen de mogelijke bestuurders op het lumineuze idee om de hypotheekrente aftrek aan te gaan passen. Waardoor de gemiddelde modale werknemer wederom het haasje is. Ooit, in een heel ver verleden was heet Den Uyl die beweerde dat nivelleren begeren deed. Toen de bomen nog tot in de hemel groeiden. En waar subsidies ervoor zorgden dat ook minder bedeelden in staat werden gesteld om een huis te kunnen kopen. Premie A, premie B en ook premie C behoorde tot de mogelijkheden. De hypotheekrente was navenant. Ruim 10 % en niet veel later 13 %. Toen kwam de belastingdienst je nog enigszins tegemoet, terwijl het tegenwoordig meestal geld weet op te halen. Toen sprak je nog over miljoenen terwijl het tegenwoordig om miljarden gaat.

Is dat de herinnering die ik koester? Waarschijnlijk wel.