IK BEN ER NOG!

‘Oplappen dan wel nahakken.’ Waar dit op slaat? Ergens op en nergens op. Mijn vaten zijn in de loop der tijd niet alleen versleten, maar hebben ook nog te maken met een cholesterolgehalte waar je u tegen zegt. Dat mag ook wel na een leven waarbij roken op mijn 21ste gangbaar is geworden. Om over mijn drankgebruik dan maar te zwijgen. De lappenmand komt mij zeer bekend voor om over de rest van het geheel maar te gaan zwijgen. Neen, ik ben de beroerdste niet, ben er wel enigszins beroerd aan toe. De zorg lacht mij tegemoet, van de ene specialist naar de andere en voor je het weet beland je in een fuik. En ook dan is het afwachten of je wel op tijd uit die fuik wordt gehaald. Voor je het weet leg je simpelweg op een andere manier het loodje. Vandaar ik me regelmatig de uitspraak permitteer: ‘ik ben er nog.’ Ook om mezelf ervan te overtuigen dat ik er echt nog ben. En waar de ene specialist, als het ware de andere probeert te overtroeven, geen idee welke troefkaarten zij nog meer tot hun beschikking hebben. Dus voor vandaag maar even een wanklank, opdat morgen de temperaturen zijn gedaald en er weer sprake kan zijn van een bepaald evenwicht.

Hoewel ik op dit moment enigszins uit het lood geslagen ben.