Wijze woorden van ene Paul…

Een edelhert meer of minder” Een paard meer of minder” Een mens meer of minder” Natuurlijk maakt de Partij voor de Dieren zich hard wanneer het om dieren gaat, wanneer er echter elders met mensen zo wordt omgegaan, hoor ik ze in de regel zwijgen. Het is daarom dat ik vandaag een gedicht van Paul Roelofsen het genoegen verleen om een gedicht van zijn hand op mijn berichten te gaan plaatsen, echter dit keer zonder last dan wel ruggespraak. Maar na dit gebeuren zal ik hem alsnog gaan verwittigen om dan mogelijk ook zijn toestemming te kunnen verkrijgen. Ik doe dus iets buiten medeweten van de ander, mogelijk een vorm van illegaal bezig zijn, zoals velen in dit land zich mogelijk met duistere zaakjes bezig houden. En waar veiligheid voor alles gaat, het gevoel als zodanig neemt de laatste tijd in de regel niet toe, maar eerder af. Niet dat ik me daardoor laat tegenhouden om de deur open te laten staan, dan wel een uitnodigend touwtje uit de brievenbus te laten hangen, de knippen aan de achterzijde nog steeds erop doe, maar niet die op de voordeur want stel nu eens dat mij wat overkomt, hoe komt dan die andere sleuteldrager hier in huis” Afwegingen maken en afwegingen maakt Paul in de regel vele in zijn gedichten. Niet dat hij zich daar op voor laat staan, maar het zijn zijn bespiegelingen die mij aan het denken zetten. Vandaar ook dit gedicht: DE KLOP VAN EEN BANG HART.
Niet voorspeld, toch uitgekomen / een uitgewoede storm die zachtjes huilt // ik sla een kruis en doe niet veel // want al bidt men zich naar ‘t paradijs / het blijkt een vruchteloze reis / je wordt er niet gelukkig van, integendeel / geen lief of lauwertak / die je erom verwarmt of naar je wuift // rest nachtbraken al zijn de flessen leeg / en wachten, wachten / wachten tot de dag aanbreekt // de wanhoop overwaait maar niet verdwijnt / omdat men nergens veilig is / tenzij morsdood of ongeboren blijft
Paul Roelofsen, een bijzonder eigen aardige man, met een vleugje cynisme, met een toon van sarcasme, met een toefje vilein, maar dit betreft dan veelal de menselijke maat die hij meet. Een man ook die weet waar hij staat, die ik kan volgen, maar veelal ietwat te laat dringt mij de kracht van zijn woorden door en het is dit moment, waarop die kracht toeslaat. Dank Paul, dank voor jouw wijze van grijs voorziene woorden!