watwoordenverwoorden

20090409-1239227994N0504wimsch911

Ik lieg als ik stel dat ik wikswegen.nl niet mis. Ik vertel dan ook altijd de waarheid.
En als ik de waarheid niet vertel wil dat nog niet zeggen dat ik lieg. Eigenlijk ben ik op dit moment bezig met het beschrijven van een zekere tussenfase. Maak ik me, van binnen, minder druk dan van de zomer toen het hele systeem eruit lag, mis ik het aan de ene kant wel degelijk en kan ik niet anders doen dan afwachten. En dat afwachten was ook een handelsmerk van Rick. Want Rick was ook iemand die reageerde op de zaken die zich op momenten aan hem voordeden. Die het voorrecht heeft om de mogelijkheden van dit medium naar zijn hand te zetten en zelfs in staat is om een programma te schrijven. Misschien legt hij op dit moment daar zijn prioriteit. Mogelijk dat ik even op zijn scherm was en nu de moed bij elkaar ga rapen om hem met mijn verzoek weer te gaan verblijden.
Misschien is hij juist nu wel voor mij in de weer.

Ik weet het niet. Het is een stilstand die niet direct tot voor dan wel achteruitgang leidt. Een pas op de plaats in de afwachting van de andere momenten. Momenten in de toekomst. Momenten met een zekere waarschijnlijkheid. Alsof de kansen die zich voordoen als het ware gegrepen moeten worden. En dan komt het woord moeten op de hoek kijken. Niets moet. Van alles mag. Of van alles mag niet. Zeker op dit moment. En dat is dan weer de feitelijke constatering. Geen overweging, geen afweging maar simpelweg dit gegeven. Geen aankondiging omtrent het ander, gewoon de stekker eruit en een proeve van geheimschrift.

Welke andere weg valt er dan te bewandelen” Want zo luidt de titel. Wikswegen.nl en de reclames hieromtrent laat ik op dit moment maar wat achterwege. En zie heel concreet mijn wereld zich verkleinen. Maar ook dat realiseer ik mij. Doen mijn woorden er op dit moment wat minder toe. Blijf ik toch maar schrijven. Geen dagboek van een gek. Geen dagboek van een herdershond. Geen dagboek in welke zin dan ook. Slechts lettertjes in en bepaalde volgorde. Gerangschikt en daardoor als woorden misschien herkenbaar. Omdat we nu eenmaal hebben afgesproken om aan lettertjes in een bepaalde volgorde woorden te gaan lezen. Te gaan spreken.

En als we aan het spreken gaan komen daar de klanken bij. Het is de klank die de muziek bepaalt.
De toon, de intonatie. Ik kleur de klanken in mij hoofd en ken de intonatie.
Ik geef me over aan een stem en drijf op zoete klanken weg.
Als dan een viool inzet weet ik niet zo goed wat mij te achten staat.
Komt er dan om de hoek en bas bij kijken raak ik langzaam aan bedwelmd.
De stemmen van een mens doen het vreemdste vermoeden.
En als dan zacht het koor inzet… geef ik mij over aan een spel der zinnen.
Dan ga ook ik op mijn manier de wereld verbeteren, alleen…
nu dan even niet. Gelijk een zekere Alfred Brand.
Hij staat in de krant. Hij wordt gezocht.
Niet dat hij zich achtervolgd weet, maar toch: sinds hij drie weken geleden bij de GGZ in Heiloo de benen nam staat hij op een lijst van gezochte personen. Alfred is manisch-depressief.
“Met de dokter bij de GGZ kon ik niet door één deur. Ik kreeg van hem pillen die niet werkten, terwijl een andere, meer ervaren arts mij eerder een beter middel had voorgeschreven.
Ik ben mijn eigen dokter. Maar ja, als je dat zegt, zeggen ze juist: zie je wel, hij is gek. Sinds ik bij de GGZ weg ben, gaat het een stuk beter met mij. Ik ben waarschijnlijk niet wat de meeste mensen ‘normaal’ noemen. Maar ik heb schijt aan normaal zijn. Normaal zijn is een gebrek aan gekte. Genialiteit is bruikbare waanzin; waanzin is onbruikbare genialiteit.”

Geen speld tussen te krijgen! Alfred verdwijnt.
Met z’n Russische bontmuts, z’n grote zonnebril en z’n kleurige trainingspak opvallend in de massa.
Hij zwerft nu een beetje. Slaapt bij vrienden. Soms in Amsterdam, soms in Alkmaar
Zijn bontmuts heeft een speldje. Hamer en sikkel, het aloude symbool van de Sovjet-Unie.
“Ik ben overtuigd communist. Het kapitalisme is financieel fascisme. We halen de banken uit het slop, maar denk maar niet dat wij wat van die banken terugkrijgen. Ik blijf voor het communisme strijden. Gewoon door met de mensen te blijven praten. Dat is mijn manier om de wereld te verbeteren.”

Rob Bakker had deze ontmoeting. In de Langestraat. En noteerde de woorden. Wat een voorrecht heb ik dat ik zijn woorden nu mag citeren. Omdat het over een mens gaat. Een mens met een visie. Een mens met een missie. Een mens niet in doorsnee.
De geniale mens. Die met zijn idee”n mede deze wereld bevolkt.
45 jaar. Vroeger procesoperator. Nu wereldmens. Met een naam!
Alfred Brand.

Ook hij is onderweg. Bewandelt dat eigen specifieke pad.
En weet waar hij zijn plan zal vinden. Gewoon ergens, onderweg…
ZORGVULDIG

Stuitend is de
woordenbrij
afgevuurd
over de
hoofden van
de aan mij
toevertrouwden;

als ik schiet
bukken zij niet
doch
laten
hun vertrouwen
blijken.

Toch kijk ik naar
niets anders
daar
waar
hun grenzen zijn

ze liggen.

Onderweg naar morgen, 6 maart 2009.

… was ik toch eerder afgeslagen…

20090409-1239228160NP1010763

Dus in alle oprechtheid: ik heb spijt!
Maar of deze overdenking tot wat anders noodt”!

Ik dank U!