… wat wenselijk is!

Feitelijk ben ik een beperkt mens. Heb niet de illusie dat ik de wereld help verbeteren, loop liever een straatje om opdat ik me niet met de wereldproblematiek hoef bezig te houden, laat staan dat ik geheel dan wel gedeeltelijk participeer in de participatiesamenleving. Eigenlijk ben ik een van de vele grijze figuren die het overgrote deel van de huidige maatschappij vertegenwoordigt. Of, anders gezegd, het grote grauwe midden. De naamlozen in zekere zin, de ongekenden de, als eerder aangegeven, beperkten. Waarbij ik wel het besef heb dat anderen nog veel beperkter kunnen zijn en dit ook zijn. Waarbij afhankelijkheid een belangrijke rol speelt. Een voor dat wezen wezenlijke rol. Het is juist deze dwarsstraat die haaks staat op de hoofdstraat die ons, onder andere door politici, voor ogen wordt gehouden. Waarbij het grote geheel opgeld doet en juist dat geheel afbreuk doet aan de som van de minder bedeelden. Mensen bij wie de kleur van het leven langzamerhand aan het vervagen is en zij zich afvragen wat het leven er eigenlijk toe doet. De feitelijke situatie bij voortduring onder ogen krijgen, zich terecht druk maken omtrent hun eigen situatie en de rol die zij spelen in het totaal der dingen, zijn kwijtgeraakt. Hetgeen aan de ene kant garant kan staan voor opluchting, de andere kant zich kenmerkt door een benauwdheid van jewelste.
De aanleiding voor dit bericht” De column van Rene Diekstra onder de noemer kankerpech. Ooit werd aan Sigmund Freud de vraag gesteld wat een mens goed moest kunnen. ‘Liefhebben en werken.’, was zijn antwoord. Diekstra koppelt daar nog twee zaken aan vast: ‘verliezen en verantwoording nemen.’ Dit naar aanleiding van het feit dat kanker in zekere zin ‘pech hebben is’, hetgeen mij doet denken aan het feit dat ook mijn vader ooit dit woord in zijn situatie toen uitsprak. Ook mijn vader gebruikte het woord pech. ‘Domme pech’ stelt Diekstra, ‘is een gebeurtenis, verlies of zelfs ramp, die doof is voor de vraag ‘waarom”‘ En dat brengt hem op het vierde en belangrijkste dat wij goed moeten kunnen: verantwoording afleggen. De voortdurende bereidheid hebben antwoord te geven op vragen, door ons zelf of door anderen, naar waarom we liefhebben, werken en vooral omgaan met verliezen zoals we doen. Het toppunt van volwassenheid” Verantwoordelijkheid nemen en afleggen voor hoe je met je pech omgaat.
Kocht afgelopen vrijdag een boek. Nu koop ik in de regel wel vaker boeken, maar dit boek was niet alleen tweedehands maar ook in bepaalde zin gedateerd. Dacht ik. Halte HVO getiteld. Uit 1997. Van voor de eeuwwisseling nota bene. Hoewel die eeuw wel wisselde is er feitelijk weinig nieuws onder de zon. HVO staat voor Hulp voor Onbehuisden en Querido is daaraan toegevoegd. Met beelden in zwart/wit. Wonen en een thuis hebben is voor de meeste mensen zo vanzelfsprekend dat het moeilijk is voor te stellen zelf ooit dak- of thuisloos te worden, zoiets overkomt alleen een ander. En gelukkig is het inderdaad zo dat zoiets vooral anderen overkomt, zoals het doorgaans anderen zijn die de staatsloterij winnen of aids krijgen. Toch zijn er velen voor wie een thuis of een dak boven het hoofd niet vanzelfsprekend is…
Maandag 5 januari 2015. Velen zullen weer aan het werk zijn gegaan, anderen maken zich zorgen omtrent hun werk. Weer anderen hebben niet direct uitzicht op werk en nog weer anderen hebben het pad naar gene zijde ingeslagen, terwijl nog weer anderen hun geboorte met veel geluid naar voren brengen. Tekens van leven en tekens van het einde, waarbij niet ieder einde een teken van een nieuw begin hoeft te zijn. Een week die waarschijnlijk voor een belangrijk deel uit het uiten van goede wensen zal bestaan, naast de goede voornemens die mogelijk al in de prullenbak zijn beland. Ik noem maar een aantal dwarsstraten en hoop voor de ander dat pech hem of haar bespaard zal blijven. Maar mocht dit zo zijn dan spreek ik de hoop uit dat de woorden van Diekstra, hierboven geciteerd mogelijk een duwtje in de rug kunnen zijn. En bij deze: alles dat en wat wenselijk is!