wat taal vermag

Zo’n dag die als een echte maandag de boeken kan gaan vullen. Het aftuigen. De lichtjes die bossen naalden naar beneden laten dalen. Kale takken die worden ontdaan van de versiering. Glazen engeltjes die de doos in gaan. Paarse ballen als kleur voor het einde van dit jaar. Omdat ze juist vorig jaar zijn aangeschaft. In de uitverkoop. Want dat het uitverkoop is laat zich niet alleen raden, maar wordt overal ook zichtbaar naar voren gebracht. En het werkt nog steeds. Schreeuwreclames. 30, 40, 50 procent korting. Of een volgend bericht: vandaag en morgen gesloten i.v.m. Balansen. Bijkans ouderwets. Want met de huidige mogelijkheden moet het toch met een druk op de knop duidelijk zijn: wat erin kwam en wat eruit ging. Overal die streepjescode. En dat sinds 1977. Ingevoerd in een supermarkt die nog steeds, door middel van hamsters, op de kleintjes probeert te letten. In Heemskerk nota bene. Of all places.


iGer.nl
De postcode. Ook zoiets. Ingevoerd door het Post Telefoon en Telegraaf concern. Toen postbodes nog beambten waren. Er sprake was van een Staatsbedrijf. En dat van dat putje graven veelal de buitenwacht betrof. Want slapen was er vaak niet bij. Er moest bekabeld worden. Er werd met teer gewerkt, met branders en gas. Er kwamen afsluitingen overheen. En water kon onmogelijk binnendringen. Want het was een vak. En de mensen die dit konden verstonden hun vak. Voordat veel handigheid die rol overnam. Toen tijd niet zozeer voor geld stond. Zoals niet veel later. 1978 schreven we toen. En de PTT bleef reclame maken. Voor het gemak wat werd verondersteld. Van de machine die het werk niet allen veel sneller, maar ook veel zorgvuldiger kon doen. En wij gingen mee. Tot PTT stelde dat het veel langer zou gaan duren voor een brief besteld werd zonder die postcode. Nu weet eenieder niet beter. Zelfs zonder naam komt een brief, met postcode en huisnummer, aan. Zoals je bij een willekeurige balie van een willekeurig bedrijf zonder je naam te noemen dit te horen krijgt indien je…


iGer.nl
(I)SBN staat voor (International) Standard Book Number. Van een 10-cijferige reeks naar een 13-cijferige reeks. En doordat die 10 dan wel 13 cijferige reeks een zekere willekeur vertegenwoordigt, valt er, met de juiste handleiding, nog behoorlijk wat af te lezen. Neen, dan liever terug naar 1910. Hoezo”! Hoogeveen!
Zijn leesplankje. En Ot en Sien die rijkelijk aan het oefenen zijn. Met aap, noot mies. Maar dat is tegen een zeker zeer been. Van een Tilburgse Frater. E. Becker. En die schreef het plankje ietwat anders. Aap kon nog wel, maar door roos en zeef als volgende woorden te gebruiken was het onderscheid daar. En daar wordt jaren later nog steeds op gespeculeerd. Niet de overeenkomsten maar juist het onderscheid. De onderscheidingen waar Nederland bol van staat. En waar waarschijnlijk ‘never nooit’ een einde aan zal komen. Want wat dat betreft staan wij voor dat waar wij achter staan. Het individu, tenzij WIJ kunnen scoren. Want dan opeens zijn wij een WIJ volkje. En staan wij pal. Voor wat dan ook, als het maar voetbal is!
Want sinds Jan Jansen, en Joop hebben we niet zoveel meer in die melk te brokkelen. We zijn dan ook het vertrouwen in die driekwart kan per dag verloren. Van ene Joris Driepinter.
Geschiedenis. Ergens vastgelegd. Veelal in boeken. Of op het web. Wikipedia. Waar weinig in wordt gelekt. Waar veel naar wordt gekeken. En gemiddeld veelvuldig geraadpleegd. Dan kunnen die gebonden boeken de kasten blijven vullen. Wat mij ooit op het volgende bracht:

Ik bind

mijn inspiratie in

gebonden

staan de ruggen

mij aan te staren;

achter hen

de blinde muur.

Ik vond dit toen prachtig. Om die ruggen als soldaten in een zeker gelid te zien staan.


iGer.nl
Als wachters. Dit keer niet van ivoor. Alleen voorzien van oplopende nummers. De herhaling die een rol speelt. Die het leven voor een deel zo voorspelbaar maakt. Of de mens. Met eigen wetmatigheden. En het spel dat met taal valt te spelen. Wat taal kan bewerkstelligen. Varianten tussen oorlog en vrede, tussen goed en kwaad, tussen haten en liefhebben, tussen leven en dood. Tussen hartstocht en droefenis, tussen klankrijmen en rap, tussen kakofonie en stilte. Stapelgedichten die opeens in zijn…
Daar ergens bewoog ik mij. En hoor via, via van anderen die door eenzelfde lot getroffen zijn. Een jaar niet konden werken. Jaren niet konden werken. Afgekeurd raakten. Via de Wia bijvoorbeeld. En de angst. De angst die hen belemmerde. Of de draad die op een andere manier werd opgepikt. De draden die ik aan het zoeken was. De keuze daar een kluwen dan wel een streng van te maken. Misschien een spoor mee uit te gaan zetten, opdat ik op een ander moment weer de uitgang van dit doolhof weet te vinden. Me weer eens in een labyrint bevond. Gevoelsmatig. Gedenkmatig. Gedankmatig. Of misschien wel klankmatig. Natuurlijk krijg ik weer wat rode onderstrepingen. Juist daardoor gaat mijn taal leven. Want dode talen hebben we zat. Alhoewel”

Taal

machtig wapen

om het

machtigste wapen

stil te

verbergen

Onze Taal kwam namelijk weer met wat. Een uitdaging. Een hernieuwde uitdaging. Om een alternatief te bedenken voor ‘dingflofbips.’ Dingflofbips”! Ja, Duitsland, Ierland, Nederland, Griekenland, Finland, Luxemburg, Oostenrijk, Frankrijk, Belgi”, Itali”, Portugal en Spanje.
Sindsdien zijn daar Sloveni”, Cyprus, Malta, Slowakije en Estland bijgekomen.


iGer.nl
Volgens een woordvoerder kwamen er al tientallen reacties binnen. Voorlopig blijft mijn bijdrage in dit geheel beperkt tot een doorgeven, maar wie weet”