vooropleiding

Vooropleiding groep III:
1. Hr. A.C. Kros (Kees).
2. Hr. J.A. Lust (Johan).
3. Hr. J.C.D. Masselink (Jos).
4. Mw. A.J.M. Smeding (Astrid).
5. Hr. R. Spanjersberg (Rob).
6. Hr. I.G. Streefkerk (Isaac).
7. Mw. A.E. Veldman (Annelies).
8. Mw. J.M. Veldt (Jos”).
9. Hr. A.A.J. Verdam (Bert).
10. Mw. E. Verlaan. (Els).
11. Hr. W.J.M. Vermeulen (Wim).
12. Hr. L. Verzendaal (Leen).
13. Mw. D.W.E. de Viet (Ditteke).
14. Mw. W.D.C. de Viet (Mieneke).
15. Mw. M. de Waard (Monica).
16. Mw. N.E. Weida (Nelleke).
17. Mw. G.H.J.L. Ooteman-Wijker (Trudy).
18. Hr. G.W. Woudenberg (Arie).
19. Mw. J. van IJken (Jacqueline).
En de grap is dat groep I bij Peter Aers begon en bij G.C.M. Meester eindigde voordat Judith Waterreus aan deze groep werd toegevoegd, groep II Ko van Gorsel via Ans Starreveld bij Mw. M. Veerman eindigde en groep III de k t/m IJ vertegenwoordigde.
Simpel was de tijd toen. Vier docenten, drie vooropleidingsgroepen en aan dit geheel gaf de heer Piet Aardema, als ooit gevallen onderwijzer, op zijn onvoorstelbare wijze leiding”

Niet gehinderd door enige kennis omtrent de psychiatrie”


iGer.nl
Want dat kon nog in een tijd dat het fenomeen ‘ons kent ons’ toch wel de nodige kruiwagens in beweging bracht. Zoals ooit de kruiwagenploeg zich over het terrein van Duin & Bosch dan wel Santpoort manifesteerde.
Een tekst die toch wel enige toelichting behoeft. Want het was naar aanleiding van een re”nie dat ik in mijn archieven dook. De periode dat het normaal was om met groepen van zo’n zestig personen een opleiding in de psychiatrie kon worden gestart. Het een gegeven was dat, buiten het verloop dat zich voordeed, voldoende leerlingen de gelegenheid kregen zich te bekwamen in het vak van psychiatrisch verpleegkundige. De bezetting op de afdeling zich kenmerkte door een zo goed mogelijke verhouding tussen gediplomeerden en de verschillende jaren waarop leerlingen zich in het vak konden gaan bekwamen. In een periode dat er sprake was van groepsdocenten. Vaak ook een rol speelden indien zich priv” problematiek manifesteerde, met de leerlingen gesprekken voerde en de momenten waarop uitslag omtrent de opleiding gegeven diende te worden. De opleiding na die eerste drie, in zekere zin cruciale maanden, be“indigd diende te worden. Op grond van behaalde resultaten. Minder veelal op grond van de houdingsaspecten. Want dat was veelal het vage gebied waar de theoretische opleiding minder oog voor had dan dat de leerling zich op de afdeling gedroeg. En waar vraagtekens nogal eens naar voren kwamen. Waar een uitspraak aan gekoppeld werd omtrent de vooronderstelde toekomst. En juist die toekomst was ook toen, gelijk nu, al ongewis.


iGer.nl
Mensen komen. Mensen gaan. Mensen beginnen ergens aan. Als het meezit kunnen mensen ook dingen gaan be”indigen. Soms vroegtijdig. Soms op tijd. Een enkeling die het prettig vindt om nog enige tijd door te gaan. De tijd waarop een terugblik zich kan voordoen. Waarop woorden worden gesproken. Niet altijd in de zin waar ik gisteren melding van heb gemaakt.
Maar juist die woorden moest ik toch nog even kwijt. Want de man had natuurlijk ook veel positieve dingen, alleen… Die was ik gisteren even kwijt. Rancuneus” Ja!
Vanwege die woorden die bij die uitnodiging naar voren kwamen. Misschien had ik die woorden willen horen. En willen zien wie deze woorden had bedacht. Mogelijk waren juist die woorden met een bepaalde ondertoon naar voren gebracht. Misschien waren die woorden wel oprecht en is het mijn venijn wat zich spontaan naar de oppervlakte begaf. De beste onder zijns gelijken. Diplomatiek. Niet geheel gespeend van een zeker dedain.


iGer.nl
Je beter voordoen dan dat je schaduwkanten doen vermoeden. Noem het desnoods het schoonhouden van dat eigen straatje. Wat zul je je dan nog druk maken omtrent jouw vuil wat je op de stoep van de ander deponeert. Een ontmoeting in Norg. Een whisky’tje of wat. De drempel die vervaagde en de openhartigheid van dat zekere moment. Ik ben het niet vergeten. De vraag of de ander dit nog weet…”!