vissie

Met kans op… dan mag je van alles gaan invullen. Het weer bijvoorbeeld, je humeur als gezonde tegenhanger, het wel en wee van een gemiddelde, doordeweekse zaterdag, de omstandigheden waaronder het leven aan betekenis kan gaan winnen en ga nog maar even door. Bij wijze van spreken dan. Want als ik absoluut iets niet wil, is het met uw leven bemoeien. Dat doen anderen in ruim voldoende mate. Neem nu bijvoorbeeld de overheid. Of, bij wijze van spreken, de politiek. De werkgevers als willekeurig ander voorbeeld. Of mensen die zich kunnen verschuilen achter de leus dat zij het niet leuker kunnen maken. En de veronderstelling uitspreken dat dit wel weer wat makkelijker kan. Of die, al eerder, naar voren gebrachte quote omtrent het lenen. Want geleend wordt er nog altijd. Geleden ook. Hoeveel ezels blijven zich nog steeds verwonderen omtrent de hardheid van een steen. Klagen hieromtrent. En zien verdere mogelijkheden om opnieuw een kuil te graven. Verbazen zich over het feit van die inspanning moe te worden. Laten de klokjes thuis. In de hoop dat ze blijven tikken.


iGer.nl
Dat is wat mij vandaag bezighoudt. Het verbazingwekkende omtrent het tikken. Een zware slag die gepaard gaat met een ongekende rust. De tijd die ons op de eindigheid wijst. De eindigheid der tijden. De hamerslag waarmee een einde kan worden aangekondigd. Bij een veiling bijvoorbeeld. Wanneer have en goed van eigenaar wisselt. Een ontruiming. Een inbeslagname. Een confiscatie.
Als ooit in het verleden. Toen have en goed een geheel andere betekenis kreeg. Het niet zo vanzelfsprekend was dat de toestand van ‘s ochtends vroeg overeenkwam met de avond. Er mensen verdwenen. Er mensen moesten vluchten. Of er zich slechts rokende puinhopen manifesteerden. Her en der wat menselijke resten vanonder het puin zichtbaar waren. Rampen die zich voltrokken. En de tijd. Tijd die, waar je ook vertoeft, altijd weer een belangrijk deel van de omstandigheid opeist. In die zin dat er sprake is van een verschijnsel waar we niet altijd bij stilstaan. Slechts op het moment dat de stilte zich van die omstandigheid meester maakt. Doordat het geluid stokt. De stilte neerdaalt. En wij de vluchtigheid van leven weer onder ogen krijgen. Een bericht in de krant. Een memorandum. Een memento waarop mori veelal volgt.


iGer.nl
De reden dit keer van dit betoog” Wij, dat wil zeggen Jan B. en ik, waren gisteren in Utrecht. Niet alleen in het Catharijneconvent. Ook in het museum van ‘Speeldoos tot Pierement.’ Alwaar een omvangrijk oeuvre viel ons ten deel. Meesterwerken van voorbije eeuwen, ontsproten niet alleen aan de geest, maar ook aan de meesters die hier hun vaardigheden op mochten botvieren. En bot vieren konden ze ook toen al. Het draaien van orgelpijpen, het uitsnijden van houten poppen, het bewerken van schuilgaande trommels, dan wel het achter luiken verbergen van violen. Dansorgels zoals in het verleden Spiegeldanstenten mensen uitnodigden, tegen betaling, een dansje te wagen. Veelal de heren die in de buidel mochten tasten. In een periode dat de etiquette nog niet aan inflatie onderhevig was. Wat beelden kunnen niet veel meer dan een indruk weergeven.


iGer.nl
Uit een tijd die passé is. Maar ik gelijktijdig de hoop uitspreek dat juist die tijd niet terug komt. Ik niet moet denken aan de jaren dertig van de vorige eeuw. Tenminste, zoals ik mij voorstel hoe er toen met tijd en omstandigheid geworsteld werd. Er sprake was van enig vermaak. Zich dit slechts beperkte tot eenmaal jaarlijks. En al die andere tijd… geen enkel idee. Dat het licht zich beperkte tot het zicht bieden op een schrale maaltijd die toen bereid werd… een afgepaste aardappel. En soms een gebakken vissie.