'That old piano'


iGer.nl
Een zondag als geen andere, was het. Velen maakten gebruik van de mogelijkheid om alle tienen te verzamelen: al was het slechts om dat Ja-woord bevestigd te zien. Buitensporig veel bijzondere ambtenaren van de Burgerlijke Stand die zich geroepen voelden om de plechtigheid van die ambtelijke status te voorzien.
Maar ik las iets geheel anders. ‘Petticoat’
Nederland verzuilt weer, maar gelukkig hebben we de musical ‘Petticoat’ nog. Niet dat deze heerlijke Hollandse show over een meisje uit de provincie dat in de grote stad beroemd wil worden, ons land uit zijn geestelijke en politieke crisis zal trekken. Wel stemt ‘Petticoat’ tot nadenken. Het verhaal speelt in de jaren vijftig, waarvan wordt gezegd dat die saai waren en stonken naar spruitjes. Onzin. Spruitjes zijn lekker en gezond en de titel ‘Petticoat’ staat voor de manier waarop ik die tijd heb ervaren. Een petticoat was immers een luchtig jurkje in zonnige kleuren, zoals roze en hemelsblauw. Voor de liefhebbers: korenbloemblauw. Kleuren van de grote verwachting. Heerlijke, blije, open naam voor een musical die laat zien wat ik zo kenmerkend en ook prettig vond van die tijd: een haast kinderlijk onschuldig optimisme.
De oorlog was voorbij en alles zou alleen maar beter worden. Een grandioze zomer kondigde zich aan. Het was een voorrecht om toen te mogen opgroeien.
Hier en daar gingen voorzichtig de vensters open en in het land ‘waar zelfs de bomen worden geknot’ waaide opeens een frisse wind door de traditionele Hollandse geest. Soms iets te fris, waardoor er ook wel eens iets moois verloren ging, maar die wind deed wel de geestelijke en politieke verzuiling verwaaien. ‘Petticoat’ is een musical van nu over die tijd van toen. Daarom kreeg choreograaf Anthony van Laast tijdens de repetities de vraag of er wellicht in de jaren vijftig anders werd gedanst. “Ja”, zei Anthony. “Toen dansten de mensen nog samen, maar later wilde iedereen in z’n eentje dansen, ofschoon niemand wist hoe dat moest.”
De verandering van de tijdgeest had hij niet beter kunnen uitleggen. We willen wel op ons zelf zijn, maar kunnen we dat” Misschien moeten we maar weer eens proberen samen te dansen. Samen ‘a la recherche du temps perdu’, toen er samen werd opgebouwd met geloof in elkaar en met de blik door het open venster op een wereld zonder zuilen.


iGer.nl
Prachtige woorden van Hans Visser dit keer. Iemand die ik, in dit moment de moeite waard vind om te gaan citeren. Want het zijn juist de woorden die getuigen van mijn kinderlijk onschuldig optimisme, wat mij doen terugverlangen naar juist die tijd. Waarop naar hartenlust op straat gespeeld kon worden. Waarin een waterleiding knapte en de hele straat, met zomers geklede kinderen, door het wegvloeiende drinkwater banjerde. Waarin de PTT nog schuil ging in een eigen tentje. Waar de geur van teer voor een bijzondere lucht zorgdroeg. En waar stopverf nog een belangrijke rol speelde, als er een ruit vervangen moest worden. Je met een vergrootglas een stukje mica in brand stak. En waar de keuze welke groente er op tafel diende te komen werd ondervangen door het radioprogramma van de groenteman: ‘ja, ja, ja, wat zullen we eten” Ja, ja, ja, wie kan dat weten” Wie is de man die ons dat zeggen kan…”! De groenteman, cha, cha, cha.’
Waarin Ida de Leeuw-van Rees de dames die haar op de radio volgden, ontving met de woorden:
‘Goede morgen, dames.’ En het iedere keer opnieuw presteerde om met ‘naald en draad, voor U paraat’ te staan. Waarin Theo Uden Masman aankondigde de volgende week terug te komen en in die week overleed. De ‘Farewell blues’ als afsluiter en de woorden ‘…maar wij komen terug…’

niet in vervulling gingen.

Waar Harrie Jekkers refereert in zijn show ‘De Lachende Piccolo’. De Lach en de Piccolo. Ondeugende blaadjes die zich bevonden in de leesportefeuille. Waar wij thuis ook een abonnement op hadden. En ik de avonturen van Robbedoes en Kwabbernoot en het geheim van de dictator Z (van Zwendel) in volgde. En die bijzondere geur die bij ons in huis hing. De sisalvloerbedekking. De kolenkit naast de kachel. Het petroleumkacheltje wat zich in de keuken bevond. En de penetrante geur als de was weer gedaan werd. De wasketel op het gasfornuis. De geur van groene zeep. Het zakje blauw wat de was witter maakte. De lijnen waar de was aan kwam te hangen. De stok waarmee de lijn wat hoger kwam te hangen…


iGer.nl
Sentimenten” In zekere zin. En de naam Kortekaas” Die kwam ik gisteren tegen. In Castricum. Is eigenlijk een ode aan het verhaal wat Harrie Jekkers in zin show naar voren brengt. Iets over een jochie met rood haar wat Jekkers verleidt te zeggen dat ‘zijn vader roest in de pijp zou hebben gehad.’

TEKORTKOMING

Onbeschrijflijk

dat de ruimte

waarin ik schrijf

zo onbeschrijflijk

verandert

hetgeen

hetzelfde blijft

valt weer

te geven;

nochtans

schieten zintuigen

tekort.


iGer.nl
Ik wou dat… soms zou ik willen, dat… anders was alles anders gaan lopen… en loopt het nu zoals het loopt… maar of dat altijd zo zal blijven lopen”! Een kraan druppelt, een druppel regent in een meer en als het meer is wordt het vloed en als het vloed is, is het zee en als de zee dan zee”n worden, zeven zee”n desnoods… zal ik altijd nog tekort komen… Of schieten misschien”!