Sloop.

Noem het een uitwisselen van ervaringen. Bij het oplossen van problemen is juist deze uitwisseling van groot belang. Wanneer dit zich voordoet onder het genot van een kroket op een witte boterham, een glas Tessels bier om het geheel weg te kunnen spoelen en de man tegenover mij bijzonder aangenaam gezelschap is, staat niets in de weg om tot een bepaalde mate van verdieping te komen. Als de man in kwestie ook nog eens over de zelfde golflengte beschikt, kan het meer dan een aangenaam verpozen zijn. Nu weet ik wel dat mijn interpretatie druipt van de subjectiviteit, dat het niveau van ontspanning zich waarschijnlijk vergelijkbaar voordoet, maar dat deze lunchafspraak uitpakt zoals deze uitpakt had ik enigszins kunnen bevroeden. Alleen… die ene prangende vraag blijft wat ongewis. Hetgeen dit keer weinig afbreuk doet, maar ergens in mijn achterhoofd beklijft. Het antwoord dat ik zoek is de vraag waarom hij mij meer als een filosoof ziet dan als dichter. Maar feitelijk doet dat er niet toe. Neen, waar het dit keer om draait is simpelweg wie hij is en wie ik ben. Maar ook deze vraag laat zich moeilijk beantwoorden. Het gaat meer om drijfveren en mogelijk andere beweegredenen die ertoe doen. Wat te beschouwen valt onder de noemer van zingeving. De rol die eenieder in zijn of haar leven vervult. En waar alle mogelijkheden voor open staan. Mogelijk een passie die zich op een ander plan begeeft. Het zoeken naar een ultiem moment dat het leven te bieden heeft. Althans, zolang je daar voor open staat. En met het open staan ontstaat er een andere dimensie. En juist door die andere dimensie grijp ik terug op afgelopen zondag. De beelden die ik schoot bij Elvia. Ter illustratie van hetgeen ik hiervoor probeer onder woorden te brengen. Maar of ik daar ook vandaag in slaag… een kwestie van wachten.
Want wachten en geduld opbrengen voor datgene wat ik van plan ben, vraagt stomweg tijd. En tijd was kostbaar, tegenwoordig beschik ik daar ruim voldoende over. Niet dat ik me veelvuldig bezighoud met een zinvolle invulling, hooguit kan er sprake zijn van enige vulling. Waarbij het geheel doet denken aan een kussen dat zich koestert in een sloop. En over slopen gesproken: er wordt in Alkmaar vandaag de dag nogal wat gesloopt. De Domus typeert zich door de afbraak van het gebouw dat ooit door Maarten Min ontworpen is. Ook dat is een vorm van vergankelijkheid, gelijk al die uitgedoste mensen op die Fantasy Fair. Het moet zo zijn, want ware het anders…