sleutel

… en dan nu, lief dagboek, sla ik deze bladzij dicht.

Had ergens kunnen staan.
En dan een heel eenvoudig sleuteltje om het slotje de magie van die ongekende inhoud mee te geven.
Het geheim wat je niet deelt. Of in het verleden leerde delen. Met Sandeman.
De storm is wel enigszins gaan liggen en ik de luwte ben gaan zoeken, maar de golven kennen nog hun eigen slag.
Er is nog geen sprake dat de baren gaan bedaren. Toppen kennen nog een grote mate van schuimkragen.
Woest, wild bruisend zoeken zij zich een weg. En ik houd mij aan de reling vast.
Van die schuit die zich tegen de wind in een weg baant.
Waarbij het kielzog niet direct een zichtbaar spoor achterlaat maar zich mengt met het schuim der golven.
Ik mij overgeef.
En overgeef. Alsof ik de laatste stukken kots nog kwijt moet raken voordat het tot bedaren komt.
Ik tot bedaren kom.

En mij kan richten op het straks. Van morgen.

Vandaar ook dit korte bericht. Want ergens is een kust.
Ergens is een haven. En ergens komt het zicht in zicht.
Dank voor al JUW goede gaven.

En om mijn zijn voor dit moment te illustreren de volgende woorden:
ZWIJGERS

spreken
geen andere
taal
dan
SCHRIJVERS
denken.

En dat bedacht ik ooit. Om het nu naar voren te laten komen.
Verleden mengt het heden naar straks.

Wat gisteren deed vermoeden, staat vandaag in het krijt bij morgen.

Dat is het nu van toen, het straks van later…

20090621-1245538750N2006pleeart806