Scherven.

Met scherven zijn veel anekdotes naar voren te brengen. Dat ze staan voor geluk blijft discutabel, dat je je eraan kunt bezeren veelal een feit. Dat er een stoffer en blik aan te pas kunnen komen, een voorspelbaar iets. En dat je nog veel later alsnog een brokstuk onder de kast terug vindt, niet eerder dan dat de kast is verplaatst, de delen misschien zijn gelijmd en dat de illusie van het helen veelal met Velpon gepaard gaat. Toch wil ik je deze denkwijze bepaald niet onthouden: SCHERVEN. Ik zoek achter / je brillenglazen / spiegelen / ogen / terug, / je haalt / je schouders op / en laat mij // achter // valt / de spiegel. Toen ik zo met woorden aan het stoeien was, had ik voor ogen de manier waarop Jan Arends zijn gedichten schreef. Zijn lunchpauzegedichten hadden veel weg van een boom met kale takken. Geen blad te bekennen en het was Charles die mij wees op zijn werken. Jan Arends, waar het bekende stuk Keefman ooit een rol heeft gespeeld bij het Literair gezelschap ‘Wikken & Wegen’, waar ik in zekere zin nog steeds de vruchten van pluk. Dat Afscheid kon worden gedrukt en dat de loop der tijd ervoor zorgt dat de enkele dozen die op zolder staan, nog aan alle mogelijke vragen ruimschoots kunnen voldoen. Maar wanneer ik zou zeggen dat dat ik spijt hen gehad van mijn actie toen, lieg ik. Dat de gevolgen uiteindelijk voor een wrang einde van mijn werk zou gaan leiden…
Zaterdag, 20-05-2017.


IMG_1136


IMG_1498