Roger van de Velde

Ontwikkelingen. ONTWIKKELINGEN. Ont wik kelingen. Ontwikkel dingen. Ontwikkelingen.

Stel: je bent wie je bent

Stel verder: je doet wat je doet

Stel nog verder: je denkt wat je denkt

Stel nog veel verder: je doet wat doordat je laat

En als laatste: je laat


iGer.nl

Wat zou er dan gaan gebeuren” Grote kans dat er:

1. Niets gebeurt.

2. Niets gaat gebeuren.

3. Er gebeurt niets.

4. Er kan niets gebeuren.

5. Er is niets dus wat kan je gebeuren”

Nu is het zo dat deze bovenstaande vraagstelling al eens eerder de revue is gepasseerd en dat het de schijn tegen zich heeft gekregen in de zin dat het slechts bij bovenstaande vraagstelling en conclusie is gebleven. Niet dat dit verkeerd is, anderszins had ik ooit de stille hoop…
Want hoop doet, per definitie, leven. Hoop is vaak ook de strohalm waar van alles aan vast kan worden gehangen. Zoals ooit aan die doos van Pandora. En de rampspoed die zich over de aardbol verspreidde. De gekte en krankzinnigheid waar de wereld, tot de dag van vandaag nog steeds bol van staat. En waar ik slechts een kleine rol in hoop te spelen. Door mijn ietwat ongelukkige bijdragen. Of juist door mijn gelukkige bijdragen. Zoals ik vandaag tot mijn grote vreugde las dat het Dolhuys zich mocht verheugen op ruim 40.000 bezoekers. Een stijging van twintig procent ten opzichte van 2009. er kwamen ook nooit eerder zoveel bezoekers naar het Dolhuys. En de pest” Die is, in de loop der eeuwen, naar de achtergrond verdreven.
Museum Het Dolhuys is gewijd aan de geschiedenis aan de psychiatrie. Het toont hoe Nederland door de eeuwen heen met ‘waanzin’ omging: van duiveluitdrijving tot Prozac.


iGer.nl
Voor dit moment spreek ik de hoop uit dat ik ook in dit aankomende jaar nog het een en ander aan dit onderwerp zal mogen wijden. Simpelweg omdat het, nog immer, na aan mijn hart ligt. De gekte dan wel de krankzinnigheid zoals mogelijk uit het volgende zal blijken.
Wit was de kater
Zoals hij daar groot en dreigend, met uitpuilende oogballen en met bloed besmeurde handen, wijdbeens in de deuropening van het trappehuis stond, deed hij mij denken aan de blinde, woedende Oedipus.
Er viel een kille verstomming als een nat laken over de zaal en iedereen keek met ingehouden adem naar Jules Leroy, die het slappe kadaver van de kater als een gruwelijke trofee grijnzend in de hoogte stak. Het was de witte kater Poesjkin, die ons allen dierbaar was. Zijn kop was tot moed verbrijzeld. De hersens kronkelden wit en slijmerig uit de hersenpan, de zwarte muil was boven de haakse tanden tot een lange streep opengescheurd en verstard in een laatste schreeuw; een geklonterd oog hing als een knikker aan een blauwe pees, en het donkere bloed druppelde traag en kleverig voor de voeten van Jules op de tegelvloer. Het was een weerzinwekkende slachterij maar de pels was smetteloos blank gebleven.
Met één forse zwaai had Jules Leroy de kop van de kater tegen de muur vermorzeld omdat het beest zijn lapje rosbief had gestolen en opgevreten. Het gebeurde op een zondag. Die zondagnamiddag echter had Poesjkin met roekeloze overmoed het lapje rosbief geroofd uit de gamel onder het bed van Jules.
Het verwonderde mij, m””r dan het mij pijn deed, dat Jules Leroy de kater had gedood. Hij hield van het beest met een kinderlijke genegenheid. Vaak liep hij opzichtig rond met Poesjkin op zijn brede schouder, ‘s Vrijdags vergaarde hij de visresten in een speciaal daartoe bestemd blikje, en eens had hij Gr”goire onder de tafel geknokt omdat die vals naar het dier had geschopt. Het mocht een geluk heten dat hij die keer Gr”goire niet met het hoofd tegen de muur had geslingerd. Ik wist dat hij bereid was op elk moment voor Poesjkin slag te leveren, maar ik kon niet vermoeden dat hij z”veel belang hechtte aan dat lapje rosbief.
Een volle minuut of misschien nog langer stond Jules roerloos en in een doodse stilte met het bloedende, verminkte kadaver in de deuropening van het trappehuis.
Uit: De knetterende schedels, Roger van de Velde, Elsevier Manteau, 1980.
Getuigenissen van de Vlaamse auteur (1925-1970) over zijn ervaringen in gevangenissen en psychiatrische inrichtingen. Oorspronkelijke druk 1980. ISBN 90-223-0781-6
Roger van de Velde was niet zomaar iemand. Drank en opiaten kenmerkte zijn leven. Maaglijder als hij was, brachten drank en pijnstillende middelen de roes in zijn leven. Een leven gekenmerkt door vallen en opstaan, van veroordelingen, interneringen en voorlopige invrijheidstellingen.
Van de Velde ontleedt haarscherp de gewelddadige ziekelijke en zielige figuren aan de zelfkant van de maatschappij: ietwat vanop afstand, maar met een innerlijke bewogenheid, die door de gewild nuchtere zinsbouw en de soms cynische, spottende woordkeus, niet afgezwakt wordt maar integendeel tot het merg doordringt.
Roger van de Velde stierf, zaterdag 30 mei 1970 in de vooravond, op een terras in de Antwerpse middenstad. De laatste dosis palfium velde hem als een eenzame temidden van de stadsdrukte.
Thuis lag zijn laatste manuscript: ‘Tabula Rasa’.


iGer.nl

Recht op antwoord. Recht op leven. Het grafschrift van Roger van de Velde.

Maar het boek begint als volgt:
‘Al wie met de goede zeden strijdige liederen, spotschriften of andere schriften gedrukt of niet gedrukt, beelden of prenten uitstalt, verkoopt of verspreidt, is in overtreding met artikel 383 van het Belgisch strafwetboek.’
Dubbele straf voor treinseks
Brussel-De liefde bedrijven in een Belgisch treintoilet wordt wettelijk gezien dubbel bestraft. Dergelijke treinseks valt onder het strafrecht wegens het schenden van de goede zeden. Daarnaast is het in strijd met een koninklijk besluit omtrent het respect voor reizigers, aldus een woordvoerder van de Belgische spoorwegmaatschappij. De trein van Brussel naar Bergen (Mons) stond en half uur stil nadat het koppel op heterdaad was betrapt. Wegens het brutale gedrag besliste de conductrice het stel uit de trein te zetten. Daarvoor was tussenkomst van de politie vereist. Een bericht. Uit de samenleving. Ontwikkelingen. Maar welke ontwikkelingen zich nog meer voordoen…”!
Alsof wij, met z’n allen, verdwaald zijn in een schijnwereld. Een wereld waarin fantasie niet meer van de werkelijkheid te scheiden valt. Een waanwereld of een wereldwaan.
Kijk om je heen en mogelijk ontdek je ergens anders jezelf. Doe het dan toch nog maar een keer met je dubbelganger. Ik, mezelf en jij die ik ken. Laat staan ben. Ont wik kel ik.
DUBBELGANGER
Ik merk je niet op
ik weet dat je daar zit.
Ik zie jouw ogen volgen
bespeur de atmosfeer doet
aan,” constateer ik.
Zou ik zeggen wie
je bent, verraad
ik
ik.


iGer.nl
En dan zonder dubbele tong ga ik toch wel regelmatig voor de doubletten.
En als uitsmijter Martin Held (Duits toneelacteur 1908 -1992):

‘Wie de toekomst als tegenwind ervaart, loopt in de verkeerde richting.’

Veel onstuimigheid vandaag!