Nieuwe kast.

Eddy heeft het druk. Gunt zich nauwelijks de tijd te laten aaien. De kat van de overburen met wie ik een zeker bondje heb gesloten. Goed dat Eddy geen hond is, want met honden heb ik helemaal niets. De honden van de boze buurvrouw zorgen er geregeld voor dat zij zich laten horen: een roedel in de steek gelaten Jack Russels. En als die honden het weer eens op een vechten laten aankomen, verheft zij haar stem die als een krijsende gek de roedel tot rust probeert te manen. Hetgeen haar geenszins lukt. Hooguit komt, nadat de rust is weergekeerd, de berisping in de vorm van een ‘foei’ uit haar strot. Waar ik me dan weer aan loop te ergeren. Neen, ik mijd haar als de pest en probeer haar zoveel mogelijk te ontlopen. Negeer haar wanneer ik de kans krijg en een pakje voor haar aannemen, ook dat zit er niet in. Dat van die goede buur heb ik ingeruild voor een verre vriend. En dat zegt veel over de persoon die ik ben. Althans, zo zal ik wel overkomen op degenen die deze letters tot zich nemen. Ieder van ons kent wel iets of iemand waar die de pest aanheeft. Dat behoed de betrokkene om constant gal te lopen spuwen of je te ergeren aan de zaken die ons dagelijks omringen. Sla de courant er maar op na en verbaas je wat de ene mens de ander weet aan te doen. Of wanneer er een recensie staat waarbij de vraag wordt gesteld of de voorstelling ‘De verleiders’ nog wel te overtreffen valt. Volgens recensente Sonja de Jong wel degelijk. Het huidig stuk gaat oever de zorg. En door Martijn Fischer aan de crew toe te voegen komen de vele facetten van de huidige zorg aan de orde. Pierre Bokma laat het dit keer afweten maar de overige leden van dit gezelschap staat garant voor humor en tragedie, feiten en een bepaalde fictie en snijden actuele zaken bijna letterlijk aan. En waar Pia Dijkstra zich kan beroepen op de aangenomen donorwet, kan Fischer in dit stuk geen rechten doen gelden op een leverdonor, daar hij zich heeft onthouden van zijn donor zijn. Wanneer je zelf te beroerd bent om ja te zeggen, kunnen anderen nu eenmaal met die uitspraak in de hand jou een verder leven ontzeggen. Oog misschien wel, maar tand zeer zeker niet, een variabele op een aloud gezegde. Maar ik heb een nieuwe kast. Ging voor controle van mijn ICD, mijn batterij heeft nog drie volt en onder de bank in de kamer staat dat apparaat. Komt geen telefoonverbinding maar aan te pas, veronderstelde groene stroom uit het stopcontact volstaat dit keer. En voor de rest: niet veel meer te melden dan dat ik me te buiten ben gegaan aan enkele circusmodellen. Daar hoop ik morgen verder over te kunnen gaan berichten…