niet noemenswaardig

Toch blijf ik net zo vrolijk bezig, gelijk ik vroeger ook regelmatig vrolijk bezig was. Mogelijk was dit niet altijd van mijn gezicht af te lezen, wanneer mijn gezicht weer eens in de nulstand stond, maar dan nog kon ik mij vrolijk bezig houden. Of laten bezighouden, want ook dat kwam regelmatig voor. Hoe anders is dit nu. Het zijn nog wel de nodige vermakelijkheden die mij doen glimlachen, maar ook het grimlachen huldig ik in mijn dagelijkse programma. Was het alleen maar vanwege het verkneukelende aspect. En juist dat verkneukelen heeft dan wel weer wat. Ik weet niet wat, maar eigenlijk doet dat er niet toe. Tenslotte gaat het slechts om het vermaak dat ik met mezelf teweeg breng. Of denk teweeg te brengen. Tenslotte blijft het aloude credo overeind, dat gedachten nog steeds de ruimste vorm van vrijheid genieten, alhoewel er velen zijn die daar afbreuk aan proberen te doen. Maar ook daar trek ik mij in de regel weinig van aan, gelijk ik me van meer dingen niet direct veel aantrek, tenzij…
Het leuke dingen betreft. Of geestige. Nu valt dat laatste in de regel niet mee, maar ook regels dienen er eenvoudig toe om zaken te vergemakkelijken. Het fenomeen van de uitzonderingen en de voorstelbare regels waar eenieder zich aan dient te houden. Ik houd mij veelal aan de regels, omdat ik ooit een duidelijke opvoeding heb genoten en het niet aan mij was om van dat pad af te wijken. Nou ja, zo weinig mogelijk. Want ook ik heb mij weleens schuldig gemaakt aan zaken, waarbij ik het dit keer nalaat om daar mezelf voor op de borst te slaan. Maar dat is uit een ver verleden. En om zaken uit het verleden op te rakelen, gaat me vandaag wat te ver. Neen, dan gisteren. Elf november en de dubbelheid van toen gemengd met gevoelens van nu. Ook toen was het Sint maarten en droegen koeien ossenstaarten, ouwe wijven ‘schutteldoeken’ en werd de brand in de lantaarn gestoken. In de tijd dat lantaarnontstekers nog een schrale boterham konden verdienen. Werden er halve centen verstrekt en wordt tegenwoordig het geheel op vijf eurocenten afgerond. Ontvang je in Duitsland nog een cent terug en heeft de Aldi deze traditie in Nederland voort weten te zetten. Tijden waarin dubbeltjes en kwartjes nog garant stonden voor gezegden die er heden ten dage niet meer toe doen. Je duimdrop kon kopen voor een cent en daar, voor je gevoel, uren op kon zuigen. Waarbij spaargelden ternauwernood te gelde werd gemaakt en velen over het geheel genomen, krap bij kas zaten. Waarbij de verheid van aardappelen, groente en fruit niet ter discussie stond. Waar de huidige reclames je links en rechts mee om de oren slaan. Neen, ik jatte ook weleens een appeltje, deed ook weleens een greep in de huishoudportemonnee en pieste geregeld buiten de pot…
Toen in zekere zin een sport; tegenwoordig in de tijd van een BSN, een DigiD of een andere kronkel bedacht door de overheid, naast het feit dat camera’s een groot gedeelte van mijn wandelingen registreren, wordt het steeds moeilijker gemaakt om een enkel snoeppapiertje buiten een niet aanwezige prullenbak kwijt te raken. Laat staan dat een enkeling het aan durft zijn peuk de bosjes in te schieten…