Mors Ultima linea rerum

GROEISTUIP. // Ik wacht, waarop / zo vraagt een stem // diep // in mij verscholen / klinkt / de roep die steeds / herroept / woorden die ik / vond / ontstolen / vlucht van woorden / stem / die in mij klinkt. // Ik laat mij horen / door wat de stem / in mijn oren / klinkt /de zucht en / het verlangen van // het ongeboren kind / in mij / wordt nooit // volwassen.

MORS ULTIMA LINEA RERUM. Staat ergens in een Regentenkamer in Enkhuizen. ‘De dood is de uiterste grens der dingen’, in een ietwat vrije vertaling. Waarbij het volgende schrijfsel een bespiegeling zou kunnen zijn. NAAMLOOS. // Terugkijken deed hij niet / en voor zich uit gaan / turen, ontging hem alles / zins had hij geen andere / plannen dan // eensklaps stond hij stil / en daar waar hij toen / stond heeft men hem / gevonden, zijn gesloten / mond // verstomd zo zeker dat / hij daar lag / ligt hij / in het onbekende / naamloos // graf.

Terugblikken door vooruit te kijken, door te denken en te doen. Opdat voorheen wikswegen nog steeds door kan blijven lopen, ook al loop ik elders. Met wat praatjes, plaatjes en niet alleen ‘the beat goes on’, maar ook mijn berichten. Waar ik dit allemaal voor doe?! In eerste instantie voor ‘me eige’, en in tweede instantie, maar die instanties ken ik niet!