Lands einde

20091114-1258223389N1411schimmel0052

Een onzeker gevoel van jeugdigheid overviel mij even vandaag. Juist op een moment dat ik mij daar krachtig tegen had kunnen verweren. Maar daar niet direct bij stilstond. In die steeg. En ik vertoefde even in mijn eigen, rijke verleden. Op de dag dat Sinterklaas wederom zijn opwachting heeft weten te maken. De schimmel Amerigo zich weer velerlei kinderhanden moet laten welgevallen. En dit ook met een groot plezier laat plaatsvinden. De moeder die haar kind probeert te vangen. En Zwarte Piet die door de kleur zijn dagelijkse gezicht heeft weten te verbergen. Op deze dag. Zaterdag. De veertiende november. En wij ook in Den Helder vertoefden. Op Willemsoord zowaar. Nadat wij eerst de Wieringermeer hadden bezocht. Een soort van spullenbazen in de regen. Die soms met bakken uit de lucht viel en de wissers deden zwiepen. Terwijl Sjaak vertelde. Met getallen goochelde. 200 hectare. 2000 hectare. Een kas waarvan het eind niet direct zichtbaar is. En de veronderstelde robotten die zorgen voor de pluk. De lampen die stralen en garant staan voor de groei. En de eenvormigheid die zich voordoet bij het af te leveren product. Een tomaat bijvoorbeeld. En het systeem van de optimale recycling. Van compost naar plant, van voeding naar vocht, van pluk naar krat en van pallet naar… waarheen wilt U” Agriport!
En ook die plant kent niet het geheim van de eeuwige jeugd. Indien de productie achterwege blijft is er slechts één oplossing: afvoeren. Hakselen. Opslaan om te gisten, opdat biogas zich kan gaan vormen. En dit opgevangen wordt. En het andere deel weer in teelaarde verandert. En daar dan weer het residu dat opgevangen wordt en naar een andere afgelegen plek wordt afgevoerd. Om daar dan weer gezuiverd te worden. De waterbekkens nodig voor die groei. En de regen die de bakken doet overlopen. De sloot die dit weet op te vangen en de volgende stap is in dit proces. Een proces wat noch begin laat staan een einde kent. Waarbij mogelijk de factor tijd een rol zou kunnen gaan spelen. Maar ook daar waagden we ons niet aan.
We crossten over het eiland Wieringen. Reden door de polders daar. Kwamen zomaar in Den Helder aan. Parkeerden op de Rijkswerf. Willemsoord geheten. Dronken koffie in de voormalige smederij. En zagen op foto’s het oude bedrijf. In zwart/wit. In sepia. En de afzuigkap die ooit boven smidsvuur hing, ter grootte van een uit de kluiten gegroeid paard. Geenszins het paard van Sinterklaas. Want dat bleef gelukkig buiten…

20091114-1258223522N1411prinswillim0054

En kwamen wind en regen tegen. Buiten, op dat immense terrein. De restanten van Prins Willim. Nog triester dan woorden kunnen omschrijven. En tegelijkertijd zeer herkenbaar. Schepen van hout en mannen van staal. Een schip van staal en verbrand hout. En geen mens die zich in de restanten waagde. Dat mocht ook niet. Want de deskundigen van de verzekeringsmaatschappijen hadden zich hier reeds in gewaagd. En dat andere schip wat op Herstelling wacht. Beneden in dat dok. Een steiger om de boeg. Een kiel die rust op houten bokken. Een schroef die elders is.
De Schorpioen. Een ramschip. Later in gebruik als logiesschip voor Marva’s. Toen nog grijs. Nu in zwart en okergeel. Hetgeen Sjaak de volgende omschrijving ontlokte: een ‘scheurenschip.’ Waarop ik reageerde met een ‘gleuvenschuit.’ Er stonden luiken open. En dat dan weer doet denken aan gespierde Marinetaal. Waar direct excuses voor worden aangeboden. Want het is geenszins de bedoeling om iemand tegen de schenen te gaan schoppen. Maar of dit door het weer, de omstandigheid of door het gemis van een Zware van de Weduwe kwam: ik keek mijn ogen uit. En kwam de boot in mijn herinnering weer tegen. Afgemeerd in de Binnenhaven, toen. Waar ik dan met opa wandelde. Op weg naar huis. Waar soms een gerookte poon mij wachtte. En ik het schild van die Noordzeekrab koesterde. Zelf eens gevangen aan de Dijk : hij zat aan mijn lijntje en liet zich strikken. Verdween in de pan en kleurde van Noordzeegrijs, naar blossend rose. En jaren in mijn visnet bleef hangen. Waarmee ik ooit mijn slaapkamer mocht behangen. Een verdwaalde Chiantifles. Met een strooien rokje om het middel…
Mijn jeugd en puberjaren. Zij kwamen weer tot leven! Gisteren was nu vandaag, vandaag is nu weer gisteren!

JEUGD

De jeugd heeft geen toekomst meer!

Iedere keer weer dat ik deze woorden lees denk ik wat is nu

verleden”

Vertoef een wijle in JUW tijd. Verhaal mij daar weer over!

iGer.nl