Lam & lendigheid

Een eindeloze reeks wikkels. Met een naam erop. Chokotoff. Cote d’Or. Dit keer voorzien van een witte olifant. Het geheel doet wat gekunsteld aan. Op zich niet ingewikkeld maar juist door de versnaperingen uit de wikkels te halen, overwegend zielloos. En behoefte aan zielloze dingen heb ik vandaag bepaaldelijk niet. Vind mezelf vandaag al zielloos genoeg, laat staan dat ik daar nog nadrukkelijk melding van maak. Je hebt wel eens van die dagen.
De prikkel ontbreekt. Ik kan hem dit keer niet vinden, waar ik ook mijn opwachting maak, waar ik ook zoek. Doe een boodschap en kom tot de ontdekking dat ik weinig geinspireerd ben. Dit keer ook niet word. De aanbiedingen staren me aan en dit keer keer ik ze mijn rug toe. Eigenlijk kunnen ze mijn rug op. Maar zelfs deze gedachte schiet niet naar boven. Het heeft veel weg van een tekstballon waar de woorden uit zijn verdwenen, een luchtgat, een hiaat in een wereld vol van prikkels. Het heeft er veel van dat mijn informatiesysteem in de stand ‘stand-by’ is komen te verkeren. De automatische piloot in een poging het grote geheel langs mij heen te laten gaan. Zelfs de wind die ik de laatste dagen mocht trotseren, laat het afweten. En dat af laten weten is het gevoel dat zich van mij meester maakt. Misschien loop ik mezelf momenteel wat in de weg. En juist die weg en de begaanbaarheid daaromtrent, zorgen op andere momenten voor die kans, die uitdaging.
Het heeft wel wat weg van het volgende fragment. Uit onbewaakt ogenblik, wat postuum is verschenen. Bernlef zoals je ongetwijfeld weet, dan wel deed vermoeden.
Plotseling stokte alles. Het gevoel onteigend te zijn, mijn herinneringen op oneindige afstand geplaatst. Alsof ik een hoek omsloeg en met mijn neus tegen een blinde muur an liep. Plotselinge weerzin om achter mijn werktafel te gaan zitten, een innerlijke stem die fluisterde dat ik een fantast en een bedrieger was. Ik had het allemaal eerder meegemaakt. Tussen mij en het schrijven gaapte plotseling een zwart, woordloos gat. Al mijn zelfvertrouwen was erin verdwenen. Paradoxaal genoeg wist ik dat ik daar alleen door te schrijven weer uit kon komen.
Hij verwoordde het veel mooier. Tenslotte was hij dan ook een erkend schrijver en behoor ik slechts tot het grote leger der amateurs. Val ik nog steeds onder die door Rob naar voren gebrachte omschrijving: wauwelen. En toch biedt juist dat wauwelen mij voldoende bevrediging. Alleen vandaag even niet. Vandaag even wat minder. Vandaag omdat het vandaag vandaag was. Het morgen weer anders zal zijn. Ik vandaag nog even geniet van mijn lamlendigheid. Want door mij over te geven aan die lamlendigheid, valt er toch nog wat te melden. Tot zover vandaag, vandaag en geniet! Of geef je desnoods over aan de gramstorigheid, waarmee jij deze woorden leest. Zelfs daar heb ik vandaag geen moeite mee!