Kermis

Door 31 augustus 2012

‘Maar dan word je overvallen door het dansen en hossen, door de dronkenschap van de pret, dor het gejoel en gegons, die razend valse muziek, het schreeuwen en aangaan, de lucht van poffertjes en wafels en dan dat grijpen en vasthouden: “moet je niet een poffertje eten, net een kamertje vrij.” En altijd weer het Vreeburg in het rond… is dat vreugde, is dat plezier, is dat feestvieren?’

 

Ja!, antwoordde het volk volmondig. Nee!, luidde het antwoord van menig negentiende-eeuwse burger van stand. De strijd voor de veredeling van het volksvermaak en tegen onder meer de kermis werd verhevigd. In menige stad werd ten minste een van de kermissen, bijvoorbeeld de voorjaars- of najaarskermis verboden. Dat ging niet zomaar. Bekend zijn de rellen van 1876 die in Amsterdam uitbraken, toen de Amsterdammers hun najaarskermis onthouden werd. Extra troepen moesten naar de hoofdstad komen om de orde te handhaven. Er werd gevochten met blanke sabel en bajonet op het geweer. Er werd geschoten, er vielen zwaargewonden. Na diverse dagen vechten, gaf het volk zich eindelijk gewonnen…

 

Maar… er is een verschil! Tussen de Boerenkermis en de Stadse. De stadse kermis ontwikkelde zich na de middeleeuwen tot een typische attractiekermis, waar het nieuwste van het nieuwste te zien en ook te koop is. Leeghwater hield bijvoorbeeld in 1606 op de Amsterdamse kermis zijn duikerklok ten doop, waarbij hij zelf als proefkonijn optrad. Op de kermis werd de elektriciteit gepresenteerd (in 1745!) Later kon men hier kennismaken met de stoomcarrousel en weer later met de cinema. De stadse kermis trok niet alleen het gewonde volk, maar ook klanten klanten van stand.

Op het platteland leefde echter de kermis in zijn oervorm voort, dat wil zeggen primair als volksfeest. En daar konden de ‘jonkers en pronkers’ beter uit de buurt blijven.

Uit: Muziek op de kermis, Maurits van Rooijen, december 1989.

 

Kom er nog eens om, heden ten dage. Duizelingwekkende attracties, die je niet alleen torenhoog de lucht in verplaatsen, maar links- en rechtsdraaiend een aanslag doen op het oplopende toerental. De eenvoud van ooit de schommeltschuitjes, het vlooientheater, de steile wand, het varietetheater met de sterke man, de clown en een verdwaalde acrobaat, de rups en een supergrote draaimolen. Die in mijn herinnering steeds groter groeit…

 

De kermisgasten. Kermisklanten. En de spullenbazen. Zoals ooit Jan de Boer van het toenmalige Tentenbedrijf zich afficheerde. Tentenbouwer dan wel spullenbaas. Het hangt er maar net vanaf waar de belangstelling naar uit gaat. Rausdouwerig volk over het algemeen. Voorzien van zware shag gevolggevend aan het credo van ‘ieder stadje een ander schatje…’ Maar dit terzijde. Zoals er vandaag wel meer terzijdes op te merken zouden zijn. Maar het toch wel heel bijzonder was om Pieter Rozing, een dag na de crematie van Gre in Alkmaar te treffen. Op de Kermis. Ook dat moet zo zijn. Zoals andere zaken ook wel zijn. De samenloop…

Dit bericht was geplaatst op vrijdag, 31 augustus 2012 om 21:14 en opgeslagen in Overigen. Je kunt reacties op deze vermelding volgen via RSS 2.0 feed. Je kunt een reactie achterlaten, of trackback vanaf je eigen site.

Laat een reactie achter

Je moet ingelogd zijn om een reactie te kunnen plaatsen.