illusies

Nogal moeilijk voor te stellen maar ze bestaan: randgevallen. Mensen die leven met de wetenschap dat men, in bepaalde gevallen, het voordeel van de twijfel zou kunnen krijgen. Men kan rekenen op enige meewarigheid. Zoals de mogelijke vooronderstelling dat ZZP’ers de armen van de toekomst zullen zijn. Zzp’ers”! Zelfstandigen zonder personeel. Voorbeelden te over. De man die je jaarlijks komt helpen de belastingen te tillen.
Omdat dit toch een zekere Nationale Sport dient te zijn. De dame die bestaat bij de gratie van een rode lamp. Of die heer die zich verhuurt. Als Butler. Of als ICT’er. Chippendaler. Of gewoon de kapper om de hoek. Een timmerman. Journalist of een adviseur. 600.000 tot 700.000 mensen die de sprong wagen om voor zichzelf te gaan beginnen. De broek niet alleen droog, maar ook zelf op te houden.


iGer.nl
Flexwerkers in zekere zin. Want juist door de crisis kiezen steeds meer mensen, noodgedwongen, voor een onzeker bestaan als zelfstandige zonder personeel. En dan komt de tegenstrijdigheid. Want een zzp’er is werknemer en werkgever tegelijk. En daarom kunnen zij niet deelnemen in de klassieke pensioenfondsen. Het alternatief is een dure particuliere pensioenverzekering en waar dat dan weer toe kan leiden.
Schreef ik een tijd geleden. Verkeerde toen in een mogelijke veronderstelling die deed denken aan een illusionaire vervalsing. Een dagelijks bij iedereen voorkomend verschijnsel. Zonder illusies zouden we zelfs niet kunnen bestaan. Illusies geven namelijk een betekenis aan onze waarnemingen, vooral als die vluchtig of onvolkomen zouden zijn. Bijvoorbeeld als we iemand zien lopen. En de idee hebben opgevat dat dat wel die persoon van vroeger moet zijn. Gezien het loopje, de lengte en de wijze waarop zijn haar is gecoupeerd. Dus roepen we de ander aan: ‘H” Joop, h” Jack, h” Joe, waar ga je heen…”!’ Waarop Joe, Jack of Joop zich, verrast, omdraait en totaal niet op Joop, Jack of Joe lijkt. En JU met met schaamrood rond de kaken spoorslags in de menigte verdwijnt.


iGer.nl
Wat we zien wordt dus be”nvloed door onze verwachting. Dankzij die eigenschap zijn we ook in staat redelijk snel te lezen: we zien wat aannemelijk is dat er zal staan. Oost West Noord Zuid. En dat het thuis best zou zijn, valt regelmatig te betwijfelen. Helaas lezen we daardoor ook wel eens iets wat er helemaal niet staat en zijn drukfouten moeilijk op te sporen omdat we er ‘overheen lezen.’ Geriatie. Als voorbeeld bijvoorbeed.
Wanneer we erg geconcentreerd zijn, maar ook als we ‘afwezig’ zijn of wegdromen, dringt de realiteit wel tot ons door maar wordt de kans op foutieve interpretaties groter. Een jongen op school hoort tot zijn schrik opeens zijn naam roepen en realiseert zich dat hij niet weet waar de les over gaat. Uit de reacties van de omgeving maakt hij op dat hij toch geen beurt kreeg.als hij een geluid hoorde maar dit verkeerd heeft ge”nterpreteerd, had hij een illusie. Was er echter niets te horen en heeft hij de stem als het ware gedroomd, dan had hij een hallucinatie.
Bij angst neemt de kans op illusies eveneens toe. Als we in een donker bos lopen en we voelen ons allerminst op ons gemak, zullen we gemakkelijk een struik voor een man aanzien. Of voor een struikrover. Als we erheen durven te lopen, ontdekken we opgelucht dat onze verbeelding ons parten speelt. Er is dan sprake van een illusionaire vervalsing.
In het normale leven worden illusies meestal vrij gemakkelijk gecorrigeerd.
Gezien het voorgaande hoeft het ons niet te verwonderen dat roze olifantjes bestaan. Zeker indien er sprake is van een omneveld bewustzijn. Maar grote kans dat daar een delirium een belangrijke rol in kan spelen.


iGer.nl
Ik lig in bed. En het is juist in deze tijd dat ik het hoor. Het geluid van hoefgetrappel. Amerigo denk ik. Of eigenlijk niet eens aan Amerigo, maar direct aan Sinterklaas. Want wij mochten onze schoen zetten. Dit keer voorzien van een wortel. En het verband met de hutspot van de volgende dag ontgaat mij volledig. Naast de haver en wat stro voor het paard, want dat trouwe beestje is dat heus wel waard. Haver gaat namelijk in de havermout, wat ik absoluut niet lust. ‘Trippel, trappel’ om de bocht en door de straat. En ik blijf liggen. Niet zozeer verkrampt, maar toch niet geheel ontspannen. Want het speelt in de jaren vijftig.
En Sinterklaas speelt een heel belangrijke rol. In mijn leven en ook in het leven van mijn schoolmakkertjes. Kinderen waren we. Maar kinderen mochten we niet blijven.
Uiteindelijk durf ik toch mijn opklapbed uit te komen. Het bed waar ik een deel van mijn voortand in ben kwijtgeraakt. En waag het. Heel voorzichtig til ik het rechterhoekje van mijn gordijn op. Waag een spiedend oog, terwijl het hoefgetrappel langzaam wegsterft. Een groter deel van het gordijn trek ik langzaam de kamer in. Heel mijn hoofd nu tegen het glas. En ik weet het zeker: Sinterklaas beweegt zich in de richting van de melkboer. Die halverwege op een andere hoek zijn buurtwinkeltje bestiert. En net nog zie ik naast een staart, de mijter. Van zijn staf geen spoor. En ik waag het te veronderstellen dat de Sint, vanaf de straat, zijn Pieten in de gaten houdt: het kan niet anders dan dat deze, lopend over nokken, in alle schoorstenen hun pakjes laten zakken. En het blijkt ook de volgende dag: onbegrijpelijk dat door de rokende schoorsteen mijn chocoladepiet heelhuids in mijn schoen is aanbeland.
Illusies. Illusies die zich voordoen indien het vrije ondernemerschap als uitweg wordt aangeprezen. Het merendeel van de mensheid schurkt toch het liefst in de rol van de loonslaaf. Opdat zekerheid aan de ene kant en zinvol leven aan de andere kant geneugten niet in de weg hoeft te staan. De aflossing door kan gaan. En die grutter die op de kleintjes let, ons altijd heeft belazerd. Hoe kan het anders dan dat de prijzen steeds verder zakken. Of dat de fabrikant steeds meer een poot wordt uitgerukt.
Kinderen waren we. Toen. Maar zo af en toe wil ik nog weleens naar dat oude droomland toe:
‘wie zoet is krijgt onverantwoord lekkers, wie stout is wordt eens ‘hartig’ toegesproken. Want sinds de overlever Donner (zijn derde ministerie alweer, maar dit kan net zo goed zijn vijfde zijn), kan er geen sprake meer zijn van een roe.””””””””””” Of het zou van Lucassen moeten wezen: die spaarde zijn roe de niet…
Voorbijganger
het is alsof ik
naar mezelf
loop te kijken
door het venster
waardoor ik
naar buiten
gluur en glauw.


iGer.nl
Zie en beschouw!