Het Gesticht (IV & slot).


iGer.nl
01. RUIKEN
Niet alleen de gang naar het instituut imponeert, ook de gang in het gebouw zelf maakt indruk.” Voetstappen klinken even hol op, om daarna dood te slaan tegen de wit gepleisterde muren.” Muren die droefgeestig zijn opgefleurd met gemeentewapens.” Het is een terugkeer in de moederschoot.” Uit onbestemde zijgangen klinkt dof gerammel van gamellen, een zoetige etenslucht walmt me tegemoet.” Het is het enige teken van leven dat te ontdekken valt.
Er komt een eind aan dit voorgeborchte.” Het duister maakt plaats voor helder zonlicht dat zich meester lijkt te maken van een groep wezens op het achterplein.” Hoewel de kruiwagens ieder individu een eigen plaats in de rij geven, vormt dit één geheel in deze gespleten omgeving. Een figuur maakt zich los uit dit tableau, geeft een teken en de stoet zet zich woordloos in beweging. Ik sta perplex, voel me een indringer en laat dit beeld op mijn netvlies inbranden.
Het is maandag 1 april 1969, een bijzonder gewone dag in de inrichting.
Let me please introduce myself..
Een verkrachting!” Zo gaat men voorbij aan mij, aan wie ik ben!” Ongemerkt beginnen mijn handen mee te roffelen, krijg ik zelfs de smaak te pakken, wordt de duivel mij sympathieker dan ik ooit heb verondersteld.” Het voert me terug naar een tijd waarin alle zekerheden ter discussie staan, heilige huisjes worden afgebroken, het geld ontwaardt. Het moet ergens in die periode zijn geweest dat het zaadje werd geplant, waardoor mijn besmetting met mij meegroeide.” Een virus dat als een parasiet, los van mij in mij, mijn bestemming zou bepalen.” Ik begreep niet wat iemand kan bewegen een zekere toekomst in te ruilen voor de onzekerheid om met psychiatrische patiënten te gaan werken, sterker nog, om heel bewust direct in de nabijheid van die ander te moeten verkeren.” Ik zag ze niet.” Wel zag ik een nog thuiswonende idioot, bij ieder rondje dat hij liep zichzelf herhalend.” Hij doet geen kwaad en toch probeer ik hem te ontlopen.” Hij stoot af en boeit tegelijk.” Hij leeft en ook weer niet.” Zijn simpele geest laat veel problemen liggen en toch kent hij ze ook.” Ik heb het veel te druk met school, de meisjes en het levensspel.
Bergen (nh) is het middelpunt van mijn bestaan, zeker één keer in de maand.” Op zondag.” De tent die in mijn geheugen gegrift staat en daarin met voortduring ‘Sympathy for the Devil’ laat horen, dwingt me terug te keren naar het moment waarop mijn leven zich omkeerde: Palermo.


iGer.nl
‘BEER’
Schuin tegenover mijn residentie ligt de drukkerij waar patiënten werken. Zouden de Doldenaren weten dat de servetten en placemats in hun eetcaf” door patiënten worden vervaardigd” Dat al die vrolijke folders van de manege en The Readshop uit de kliniek afkomstig zijn”
In Santpoort heeft begin vorige eeuw lange tijd een fecali”nhuisje gestaan. In dat huisje werd ‘beer’ van patiënten vergaard om aan tuinders te verkopen.
Er is een verhaal dat een patiënt ooit aan een tuinder uit Beverwijk vroeg wat er eigenlijk met al die uitwerpselen werd gedaan.
‘Dat is voor over de aardbeien.’
‘O, wij doen er gewoon suiker op.’
Wat lappen. In zekere zin woorden die mogelijk duiden op een tekst. In enig logisch verband. Tenminste, in een verband wat voor mij een zekere logica kent. Komt het eerste deel uit mijn eigen ‘Afscheid’, komt ‘Beer’ uit, wederom, Het Gesticht. Waarmee ik deze maand afsluit. Over de letters van een ander struikel die door een voorspelbare samenloop afgelopen zondag mijn pad kruiste. Een volgend citaat (blz.96):
Na een stuk of wat psychiaters gesproken te hebben, en na twee ontmoetingen met Armand H”ppener, de directeur van de kliniek, viel me op hoe verzorgd veel psychiaters gekleed gingen. En al fietsend over het terrein schoot me opeens de eerste regel te binnen. De rest van dit gedicht heeft er, zoals dat gaat, weinig mee te maken:
STRAMIEN
De waanzin zelf gaat goed gekleed.
Zijn werk vergt tact, precisie ook.
Dus kruiste hij namen aan,
kamt steden uit, tast schedels af.
Veegt hij zijn voeten, is het raak.
Stampt het in de nok.
Weer vraagt zijn vrouw naar zijn pensioen.
En hij met noodweer nog op pad.
Niet snik. ‘Verkeerd bedraad.’
Van Luther met zijn inktpot tot Feith,
tot Freud en jou en mij geen mens
die zijn stramien begrijpt.
Hoe langer ik erover nadenk, hoe meer ik geloof dat ook dichters stemmen horen.


iGer.nl
Van die zekere Menno Wigman. Met wortels in Santpoort en op bladzijde 45 als laatste dit citaat:
Het is al laat. Zonder kranten, vrienden, kroegen en kabeltelevisie val ik steeds meer uit de tijd. En het bevalt me goed. Eindelijk weer alleen met wie ik zo graag wil zijn.


iGer.nl