Hallo Wik

Hallo Wik,
Wie was die Heijermans nu eigenlijk” Op die vraag een antwoord te geven, valt mij moeilijk!Toch zal ik een poging wagen. Vergeef mij, wanneer ik in gebreke blijf.
Tussen zijn geboorte op 3 december 1864 – in Rotterdam – en zijn overlijden op 22november 1924, in Zandvoort, ontrolde zich het weerbarstige bestaan van Herman Heijermans. Een leven van zestig jaar strijd, strijd tegen en voor. Voor de verheffing van de arbeidersklasse, de ‘verworpenen der aarde’, die hij vanuit zijn socialistische levenshouding met vlijmscherpe pen het geluk naderbij wilde brengen, door meedogenloos stelling te nemen tegen de uitwassen van het kapitalisme.
Maar vrijwel zijn leven lang ging die strijd gepaard met op te moeten tornen tegen deurwarders en advocaten – vanwege bijna chronische schulden en dientengevolge faillissement op faillissement –, tegen azijnpissende recensenten, tegen dwarsliggende theaterdirecteuren, tegen de zogenaamde partij-ideologen der nog jonge sociaal-democratie, tegen tijdslimieten van uitgevers en misschien ook wel tegen zichzelf, want Herman Heijermans was een allesbehalve makkelijk mens, niet in de laatste plaats voor ‘m zelf.
Eigenzinnig, en eigengereid zelfs, opstandig, maar ook heel onzeker (premieres van zijn eigen stukken onderging hij veelal in de kroeg, buiten de schouwburg),echter ook geestig en voor alles begaan met de ellende van de gewone man.
Hij moet lang geloofd hebben dat de grote dag eens zou komen, en het moet hem beslist bitter hebben gestemd dat hij die in elk geval niet mocht meemaken, want in 1924 (toen hij aan kaakkanker overleed) was Jan met de Pet nog veraf van die ‘schone klare dag.’
Schrijft Maarten Leegwater in het programmaboekje Schakels, wat het einde inluidt van de Heijermanscyclus in het Scagontheater in Schagen. Het tiende jaar van die cyclus. Na het eerste stuk ‘Uitkomst’ (waarmee Hi, Ha, Heijermans hun voorstelling mee sloot), Gluck Auf, Dageraad, Het Zevende Gebod, Op Hoop van Zegen, Beschuit met muisjes, De Wijze Kater, Bloeimaand, De Grote Vlucht kwam een einde aan een periode, die ik, met heel veel genoegen, voor een deel mocht meemaken.
Herinneringen. Het maakt bij mij nostalgische momenten weer levend. Niet in de laatste plaats door het genoegen dat wij mochten beleven, door in de schouwburgzaal in de Vest, van juist deze uitvoering te genieten. Niet alleen van het spel: ook door de inleiding die aan dit gebeuren vooraf ging en het gesprek met de regisseuse na afloop. Maar, ook dit keer komt aan alles een eind. Waarmee ik deze woorden dan ook eindig. Niet in de laatste plaats door je mijn hartelijke groeten over te brengen,
Vincent.
Zo zou een briefwisseling eruit kunnen zien. Een andersoortige naar aanleiding van…ware het niet dat het eerste deel en de reactie aan mijn brein zijn ontsproten. Enigszins in de lijn die Heijermans zich ook permitteerde. Namelijk onder een pseudoniem zijn werken bekritiseren. Dan wel een dialoog met zichzelf te voeren. Hetgeen mij in het verleden ook mocht overkomen. Monodialogen die ik veelal met mezelf mocht voeren. In een periode dat ik, qua werken, er veelal alleen voor stond. Ach, wat maal ik daar nog om. Beter is het boek wat dat betreft te sluiten en met genoegen terug te blikken op een ‘ouderwets avondje uit!’