fossiel

FOSSIEL
terwijl iedereen meewarig,
het hoofd schuddend
de hem
toegediende injectie
opnieuw herhaalt
zijn zwanenzang
gedood, levend
een fossiel
in een uitgebluste
stoel.


iGer.nl
TERUG IN DE TIJD: herinnert U zich deze nog”
Wat is dat voor een raar vak, die psychiatrie” Het is enerzijds een natuurwetenschappelijk vak, een onderdeel van de geneeskunde, maar anderzijds heeft het ook te maken met onbewuste krachten en met relaties tussen gezinsleden. Geen wonder dat er de afgelopen decennia nogal wat onduidelijkheid is gerezen over de vraag wat nu eigenlijk een psychiater is, wat hij nu wel en niet kan. Zelfs in beleidsnota’s van de overheid komen hierover de wonderlijkste idee”n voor.
In het verleden werd de nadruk gelegd op de medische kant van de psychiatrie. Zelfs psychiaters die zich beperkten tot uitsluitend psychotherapie voelden zich toch medisch specialist. In de naoorlogse jaren sloeg dat opeens radicaal om. De medische aspecten van de psychiatrie werden minder belangrijk gevonden en door sommigen zelfs gezien als een beletsel om een goede psychiater te zijn. Nu is er weer een heel ander beeld aan het ontstaan en dreigt de psychiatrie weer door te schieten naar de medische kant. Zo gaan de ontwikkelingen in dit vak als een slinger heen en weer. Om van deze verwarrende en tegenstrijdige toestand iets te begrijpen is het nuttig te weten hoe dit allemaal zo is gegroeid. Dikwijls wordt immers uit de voorgeschiedenis opeens een heleboel duidelijk.


iGer.nl
Het tweeslachtige karakter van de psychiatrie is niet iets van de laatste tijd. Kennelijk hoort het erbij. Het is ook begrijpelijk, want een psychische stoornis is iets anders dan een lichamelijke. Een lichamelijke klacht h”b je: je hebt last van iets dat vreemd aan je is, het lijkt alsof je lichaam zich tegen je keert. Psychische klachten staan veel dichter bij de kern van je wezen: je b”nt angstig, zwaarmoedig, enzovoort. Ook al is dit onderscheid maar betrekkelijk, toch is het heel begrijpelijk dat er over psychische afwijkingen anders wordt gedacht dan over lichamelijke.
Dit neemt niet weg dat mensen zich altijd hebben verbaasd over het vreemde van psychische afwijkingen. Aan de ene kant leek het een manier van zijn van de betrokkene, aan de ander kant leek het iets dat hem overkwam, dat hem werd aangedaan. Het ligt dus voor de hand om aan bezwering of bezetenheid te denken. Deze ‘verklaring’ voor geestesziekten is dan ook van alle tijden en plaatsen. Maar tegelijkertijd werd ook gezocht naar natuurlijke verklaringen en werd geprobeerd de kwaal met medicijnen te bestrijden.
Onze cultuur stamt af van de Griekse. Al bij Homerus (circa 700 v. C.) vinden we aanwijzingen dat onderscheid werd gemaakt tussen geest en lichaam en dat werd begrepen dat het een door het ander kon worden gehinderd. Krankzinnigheid werd de mens door de goden gezonden, maar kon ook door inwendige krachten ontstaan: woede maakt zelfs een wijs man gek.


iGer.nl
Dan verschijnt Hippocrates ten tonele (circa 460 ” 375 v. C.) de ‘vader’ van de wetenschappelijke geneeskunde. Volgens hem is het functioneren van de geest afhankelijk van het functioneren van het lichaam. Krankzinnigheid zou dus door lichamelijke factoren worden veroorzaakt, en wel door ontregeling van de hersenen. Oorzaak daarvan was een verstoring van de balans tussen de vier vloeistoffen die de lichaamshuishouding, volgens de inzichten van die tijd, beheersen: witte en zwarte gal, bloed en slijm. Het is opmerkelijk dat, hoe antiek deze visie ook is, de termen uit die tijd ons nog altijd aanspreken. Een teveel aan bloed maakte iemand hartstochtelijk en ge”motioneerd, een teveel aan slijm daarentegen maakte hem kil en gevoelsarm. De term flegmatisch komt van het Griekse woord ‘phlegma’ = slijm). Een teveel aan witte gal veroorzaakte opvliegendheid: we spreken nog altijd van een cholerisch (gallig) temperament. Een overmaat aan zwarte gal maakt iemand inderdaad melancholiek (zwartgallig).
Hippocrates beschouwde geestesziekten dus als ziekten van de hersenen. Galenus (circa 150 n .C.) heeft proefondervindelijk aangetoond dat het bewustzijn afhangt van de hersenen. Eerder werd ook wel gedacht dat het hart de zetel van de ziel was, of het middenrif, of de bovenbuik. Het Griekse woord ‘phren’ (middenrif) vinden we nog terug in schizofreen; ook het woord brein stamt hiervan af.
Het begon met een fossiel en het eindigt met een lesje omtrent psychiatrie. De oudheid die even wordt aangetipt en de verschillende Grieken die daarin een rol hebben gespeeld. Hippocrates die tot de dag van vandaag zijn eed weet bestendigd. Iedere keer wanneer een nieuwe horde van therapeuten die vraag wordt gesteld, komt een volmondig JA over de vele lippen. Het leven bestendigen. En niet zozeer het einde bespoedigen. Hetgeen de spagaat bij de geneeskundige laat bestaan. Waar ‘Een goede dood’ morgenavond mogelijk een antwoord op weet te geven. Maar voor hetzelfde geld ook weer niet. Opdat de mens in al zijn oneindige wijsheid daar eens mee kan worden geconfronteerd. Het vaak heel moeilijk is om daar nu al een antwoord op te kunnen geven. Omdat omstandigheden zich iedere keer weer anders kunnen voordoen…


iGer.nl
Omdat de strohalm mogelijk kan knakken, maar nog niet gebroken is!