De dag dat ik dacht dat ik…

De dag dat ik dacht dat ik doodging. Een sublieme titel, maar dan rijst de vraag of de inhoud overeenkomt met die veronderstelde verpakking. Want ik heb er een eigen draai aan kunnen koppelen: simpelweg ik dacht. Waarmee ik mij gedeeltelijk op de weg van het plagiaat begeef, voor een ander deel mijn eigen deel aan het geheel weet toe te voegen. Simpelweg een kwestie van delen dan wel mededelen. Neem nu, bijvoorbeeld in mijn geval, het hart. Voor het hart is het leven simpel: het slaat zolang het kan. Dan stopt het. Tenzij… en juist door dat tenzij kan het zomaar weer een tijdje meegaan. Afhankelijk van de omstandigheid. En die omstandigheid heb je niet altijd voor het kiezen. Het dwingt je als het ware bij iedere omstandigheid stil te blijven staan alleen ontbreekt daar veelal de tijd voor. Dat noopt dan weer tot enige actie, waarbij bewegen en bewust zijn een tweetal grootheden zouden kunnen zijn. Daarnaast zal de angst een belangrijke rol kunnen gaan spelen. Want wie is niet bang voor het ongewisse” Wie is de man die mij dat zeggen kan”en kom dan niet meet een groenteman aankakken, want hooguit valt van hem te verwachten dat hij een tip geeft omtrent wat te zullen gaan eten! En wat het eten betreft, waar ik voorheen mezelf opwierp als de vuilnisbak van de ‘famille’, heb ik nu het genoegen dat mijn oog  vaak groter is dan dat mijn maag weet te verwerken, waardoor ik over een relatief slank lichaam beschik. En dat komt niet door ADO. Hetgeen in het verleden stond voor Arbeid Door Onvolwaardigen. Mensen die veelal met de nek werden aangekeken. In een tijd waarop niet op iedere slak zout werd gelegd. Simpelweg werd aangegeven hoe deze mens te beschouwen. Momenteel bestaat een groot deel van de maatschappij op een andere manier uit onvolwaardigen. In die zin dt het groeiende leger van werklozen mogelijk een vergelijkbaar gevoel zouden kunnen ontwikkelen. Waarbij de maatschappij zich als een harde werkelijkheid manifesteert. De systemen van opvang het voor een deel af laten weten en een voorspelbare moeheid ten aanzien van het verplicht solliciteren, de cijfers weet te veranderen. En ik ben de man die langs de kant staat. Als een stuurman mijn blik over de meute laat gaan. Maar het nalaat om van die kant suggesties nar voren te brengen…
Vertoef weer wat in mijn verleden. Weet me met tijd absoluut raad. Ben ook niet bang voor de grote boze wolf. Laat staan dat ik me laat misleiden door de bedriegertjes. Hooguit dat die bedriegertjes bedrogen uitkomen. Gelijk de stripverhalen ons veelal een spiegel voor weten te houden. Tenminste, en laat ik dat woord dan maar weer eens van stal halen, in mijn perceptie. Waarmee ik mijn eer betoon aan mijn zwager Piet. Met wie ik op termijn nog een dag in Rotterdam ga vertoeven. Op de Buffel, het oude logementsschip maar nu in kennelijke staat van binding, nadat er ooit sprake was van een mogelijke ontbinding. Maar gelden een restauratie mogelijk hebben gemaakt. In de tijd dat de banken nog hemelhoog de zaken aan het besodemieteren konden. En de bonussen ieder jaar ongekend toenamen. De dag dat ik dacht dat ik doodging tot twee maal toe aan den lijve mocht meemaken. Ook dat geeft pas. Al is het alleen maar door de constatering dat het…
voor het hart is het leven simpel: het slaat zolang het kan. Dan stopt het!