beurs

Dat gevoel bekruipt me. Bij het binnentreden van die beurs. Dat onbestemde. Dat unheimische. Terwijl het een beurs betreft waar je niet omheen kunt. Een zaterdag in de Groote of Sint Laurenskerk. De Groote Kerk in Alkmaar. En het roept wat op. Van hen die mij zijn voorgegaan.
Mevrouw M. Droogleever Fortuyn-Leenmans. Jan Arends. Gerrit Achterberg. Of een Maurits Dekker. Eén fragment.
Mijneheeren! Zijt Gij dezen naam waard” Verdient Gij niet eerder Mijnebeulen genoemd te worden” Waarom laat Gij mij niet met rust en vergeet Gij mij eenvoudig, zooals alle anderen in dit gesticht vergeten zijn” Met welk doel roept Gij mij in Uw tegenwoordigheid, als Gij, nog voor mij gelegenheid tot spreken te hebben gegeven, mij door de verheven koelheid Uwer houding den moed om iets te zeggen ontneemt”‘


iGer.nl
Of dat fragment van De idioot in bad, dat onder het pseudoniem M. Vasalis (M. Droogleever Fortuyn-Leenmans) in 1940 werd gepubliceerd.
De damp, die van het warme water slaat
maakt hem geruster; witte stoom…
En bij elk kledingstuk, dat van hem afgaat,
bevangt hem meer en meer een oud vertrouwde droom.
De zuster laat hem in het water glijden,
hij vouwt zijn dunne armen op zijn borst,
hij zucht, als bij het lessen van zijn eerste dorst
en om zijn mond gloort langzaamaan een groot verblijden.


iGer.nl
Achterberg verbleef jarenlang in vele inrichtingen, als de Valeriuskliniek te Amsterdam, Veldzicht te Balkbrug, de Rekkensche Inrichtingen bij Eibergen en Rhijngeest te Oegstgeest. Van Achterberg de volgende gedichten:
Toen ik het einde had bereikt
van mijn verworvenheden,
stond God op uit het slijk,
weende,
en ik stond naast hem, ziende neder
op een verloren eeuwigheid.
En hij zei: je had geen gelijk;
maar dat is nu voorbij, van heden
tot aan die andere eeuwigheid,
is maar één schrede.


iGer.nl
Surplus van liefde, waar moet gij nu heen”
Hul u in eigen hoede
en slaap ten overvloede,
en in de morgenstonden… ween.
Maar neen, laat nog de ziel vermoeden,
achter den horizon van steen,
het landschap dat niet kan verbloeden
omdat het ligt te spiegelen.


Van poezie bezeten,
door demonen besprongen,
rotten de woorden
bij hun geboorte,
en liederen worden aas voor honden.


iGer.nl
Misgeboorte noemt Achterberg dit laatste gedicht. En laat het hierbij. Vraag mij nu niet waarom ik juist deze fragmenten en gedichten citeer. Maar het kwam in mij op. Toen wij vanmiddag over de uitvaartbeurs dwaalden. Een zonovergoten beurs in die Groote Kerk. Welke zich daar ook uitstekend voor leent. Zonovergoten stilstaan bij de dood. Met ‘doehetzelfkisten.’ Met doodskisten van karton. Vurenhout. Of een boekenkist. Meer een boekkist. Wikkeldoeken. Wilgentenen. En gedichten. Rituelen. Teksten die zich uitstekend lenen voor die momenten. Van Monuta. Yarden. Of wie dan ook.


iGer.nl
Wat beelden. Fragmenten. Pieces desnoods. En dat ik die ‘pieces hate’…