alleen in de herhaling

Door 29 december 2010

Alleen. Helemaal alleen en dan ook nog eens zonder enig besef. Want nergens is een teken van bevestiging van zijn. Geen boom zal antwoord geven. Geen vogel zal herkenning oproepen. En spiegels? Die bestaan niet. Toch is daar een plas met water. Zoet water. Want anders zou dit verhaal een vroegtijdig einde kennen. Maar er zijn ook geen andere vormen van communicatie. Helemaal alleen op dat eiland. Het wezen dat daar huist weet niet beter. Weet ook niet slechter. Gaat zijn gang en laat zich leiden door het ritme van de dag. Kent geen verleden noch een toekomst; bestaat zonder zich van dit bestaan bewust te zijn. Want bewust zijn in zijn bewustzijn gaat aan dit wezen voorbij. Naast de vragen omtrent zijn afkomst en het onbelaste verleden zullen vragen daarover verloren gaan. Alsof een kenmerk van niet zijn het kenmerk van zijn weet op te slokken. Zoals een waterdruppel verloren gaat in een plas.

Of zoals regen zich verliest in een rioolput. Het zijn de onbenoembaren. Het zijn de onkwetsbaren. Het zijn de mensen die naamloos ten onder gaan. En waar herinneringen zich niet zullen voordoen. Waar mogelijk overgebleven restanten de ruimte bieden om een eigen verhaal te gaan vertellen. Indien er sprake is van een vondst. Want als niemand vanuit een stuk nieuwsgierigheid op onderzoek gaat, zal ook het laatste restant onherkenbaar worden uitgewist. Gelijk de DoDo.

Of dat botje van een veronderstelde Dodo van Boudewijn B?ch. Wat nu ligt te verstoffen in Museum Teylers in Haarlem. En waar de naam van de voormalig eigenaar bescheiden op het kaartje pronkt. Als een trofee. Maar vorige week door ons niet gezien. Wel Leidse bollen. Niet te vergelijken met de oliebollen die overal opdoemen. Naast de flappen en de beignets, de goudreinetten en het beslag wat alles verbergt. En mijn gevoel wat zich wat onduidelijk laat defini?ren. Niet helemaal gelukkig maar gelukkig wel redelijk tevreden. Tenminste zo enigszins ongeveer. Alsof ik mij tussen de tijden bevind. In een voorondersteld vacu?m. Ergens tussen hemel en aarde. Vorst en dooi. Tussen West en Friezen. In Alkmaar dus. En kies, voor dit moment, voor de woorden die je onder ogen komen. Een sluiertje zwart; het zilver wat in prijs gaat stijgen en de tol die betaald moet worden. Want er zal altijd sprake zijn van een zekere tol. Ook al kennen wij de heffer niet altijd…

Een keuze maken. Een keuze maken in het besef en de overtuiging niemand tot last te willen zijn. Niemand tot last te zullen zijn. En daar de consequenties van aanvaarden. De man die nooit gevraagd wordt om een mening. Die zijn eigen zijn fenomenaal weet te omzeilen.

De man op wie geen enkel ander vat heeft weten te krijgen. Vertegenwoordiger van de grauwe middenmoot. De mens bij wie geen onvertogen woord over de lippen zal komen.

Die ’s ochtends begint met een ‘Goede morgen’ en ’s avonds eindigt met een ‘Prettige avond.’

Alles wat daartussen plaatsvindt aan de tijd weet te verkwanselen. Tijd die daar wel weg mee weet. In tijd daartussen. Ook dat leven laat zich niet raden. Zo’n leven is nauwelijks voor te stellen. Maar ook die levens worden geleefd. In wijken. In straten met namen. In huizen.

Met deuren. Met deuren zonder namen. En de gordijnen dicht. Tot?

Liep er vandaag weer eens langs. Op weg voor een boodschap. Gordijnen die al eeuwen geen wasmachine van binnen hebben gezien, jaloezie?n die de nicotine van daarbinnen de uitstraling geven die deze verdienen: geelbruin. Muziek. Niet te defini?ren muziek maar geluid waar anders veelal de stilte verder woekert. Ik liep door. Liet na anderen hierop te attenderen. Want dat is mijn taak niet. Niet de opvatting die ik aan een taak zou willen hangen. Mij als het ware minder sociaal manifesteerde. Terwijl de oproep van de Majesteit zo oprecht naar voren kwam: zij keert zich tegen de verdeeldheid in de samenleving. En tussen de coulissen reGeert Wilders; dat ze ‘als een haas uit de regering moet.’ ReGeert en reaGeert Geert zoals het hulpeloze wild dat het genadeschot van de jager mag verwachten? Heet dat dan afschot en komt dit dan niet alleen de flora maar vooral de fauna ten goede. Dient het wild om de omzet te bevorderen, of mogelijk de economie een oppepper te geven. Wordt het dan hazepepper, indien de Koningin haar stukje inlevert? Ach…

Het verhaal van vandaag valt te koppelen aan de maand waarin het einde van het jaar nakend is. De maand waarin mogelijk nog veel meer schrijnende gevallen de krant zullen gaan halen. Maar waar het merendeel in anonimiteit zal gaan verdwijnen. Zoals al die jaren daarvoor. En mogelijk ook nog al die jaren hierna. Want de mensen die keuzes kunnen maken zijn gelukkig te prijzen. Bij hen die leven overkomt wordt dit steeds minder zichtbaar: verscholen achter deuren huizen ook zij. Ergens. Misschien wel in jouw straat. In jouw wijk. Maar welzeker in jouw stad. Ongekende mensen. Eenzame mensen. Eenzaamheid als een veelvoorkomend probleem in onze huidige samenleving. En de eenzaamheid die zal gaan toenemen. Door verminderde zorg. Door veroudering. Door werkloosheid. Door een scheiding. Door simpele lamlendigheid als zaken wegvallen waar ooit waarde aan werd gehecht. Verboden om ergens te komen. Geen geld om eens uit te gaan. Het mijden van de flappentap. Waar iedere keer eenzelfde bericht verschijnt: ‘u kunt niets opnemen.’ Of woorden met een vergelijkbare strekking. Zoiets als ooit het onderstaande al eerder deze blog heeft geteisterd. Alleen…

Alleen

smeert hij een boterham

Alleen

drinkt hij zijn thee

Alleen

pakt hij zijn grijze jas

zijn aktetas

Alleen

gewaagd aan alle anderen

Alleen

aan zijn bureau

Alleen

staand drinkt hij een glas

Alleen

maar weer naar bed

Alleen

slaapt hij wat moeilijk in

Alleen

staan in de nacht

Alleen

is veel ineen.

Alleen is veel ineen! Kijk de laatste dagen van dit jaar maar wat vaker om heen!

Tags: , ,

Dit bericht was geplaatst op woensdag, 29 december 2010 om 00:29 en opgeslagen in Overigen. Je kunt reacties op deze vermelding volgen via RSS 2.0 feed. Je kunt een reactie achterlaten, of trackback vanaf je eigen site.

1 Antwoord op “alleen in de herhaling”

  1. Trudy Schreef:

    “Elk mens is blij met iets anders. Ik ben gelukkig als mijn innerlijke kompas goed functioneert en zich niet afwendt van de mensen en hun lotgevallen, maar alles welwillend bekijkt en elk ding aanvaardt en gebruikt in overeenstemming met zijn waarde.”
    Marcus Aurelius

    “ Als men ziet wat juist is, en het nalaat, is dat een gebrek aan moed”
    Confucius

    Stille ramen.. lege levens..
    Wie heeft de moed om aan te bellen?
    Uit dat gevoel van wat zou Horen..
    De Koningin gaf daarin, gezien de citaten hierboven, niet echt een vernieuwend waardeoordeel

    Onze opvatting over het verschil tussen liefdadigheid en plicht is niet in orde.
    Voor sommige mensen voelen we vriendschap en genegenheid en daar willen we ook best iets voor doen, maar hoe kan men van ons verlangen iemand die we Niet kennen hetzelfde te behandelen?
    Tot hoeveel plicht is de mens verplicht?

    Is de mens gemaakt om onbekenden gelukkig te maken? En maakt dat die mens dan weer tot een moreel beter wezen?
    Of mag de mens zijn eigen weg uitstippelen, zichzelf ontwikkelen en geluk delen met degenen die hij kiest?

    Als je nooit iets doet, maak je nooit fouten
    Als je nooit iets zegt, spreek je geen verkeerd woord.

    Jij waagt je dagelijks aan commentaren.
    Ziet, merkt op en maakt de lezer attent
    Je deelt je kennis
    Zet aan tot denken

    Verdere opoffering is volgens mij niet nodig

    Wat de koningin ook zegt..
    (dat lijkt een utopie)

    Een fijn uiteinde, met degenen die je lief zijn!

Laat een reactie achter

Je moet ingelogd zijn om een reactie te kunnen plaatsen.