Maand: april 2020

OntROERend

‘On the road again’, zonder Davey dit keer. Wel met Ria, Marlies, Liva en Vin. Vanochtend om 08.15 vertrokken en ik heb geen idee waar zij zich momenteel bevinden. Zaterdag veertig (40) jaar wettig met elkaar minus de afgelopen twee maanden getrouwd. Dat valt niet meer te compenseren en het krijgt helemaal een apart karakter wanneer je bedenkt dat wij ook nog vijf (5) jaar hebben samengewoond, alvorens zij zei dat wij in mei zouden gaan trouwen. Zij hield het bootje af wanneer ik haar vroeg, meestal aan het einde van het jaar, wanneer wij zouden trouwen. ‘Morgen’, was steevast haar antwoord maar dat kon in die tijd absoluut niet.
Van een voorgenomen huwelijk werd in een kastje aan de muur van het Stadhuis een openbare aankondiging gedaan om mogelijke polygamie uit te sluiten. Daar werd in ons geval geen gebruik van gemaakt…


Vanwaar permitteer ik mij de Vrijheid om van dit gebeuren melding te maken. Heel simpel: 40 – 45 qua jaren hetgeen mij brengt op het volgende: geen bevrijdingsfeesten terwijl het wel een feest is dat zij weer hiernaartoe komen. Dat de boel beperkt weer op stelten komt te staan, dat inschikkelijkheid het samenzijn gaat overweldigen en dat gegeven de huidige omstandigheden en de creativiteit die mensen spontaan laten opwellen dan wel dat wat opborrelt, er toch voor kan gaan zorgen dat de lach die een tijd verdwenen is zich als een glimlach ontluikt.


Waardoor dit bericht niets aan actualiteit inboet, sterker nog dat ik gebruik maak van de foto en de tekst van BoB van Oosten die het geheel zal gaan afronden.
Een tekst die mij ontroert gelijk ook die foto van die ogenschijnlijk Happy Family, maar de wetenschap dat achter die gulle lach van Marlies een lijden verscholen ligt…

P.s. het is 17.00 uur, de telefoon gaat Ria aan de lijn die vertelt dat zij in Neurenberg zijn gearriveerd in het hotel, dat de reis tot nu toe is meegevallen en dat zij halverwege zijn. Een beter bericht kan ik vandaag waarschijnlijk niet meer verwachten!

FLATTULEUS!

FLATTULEUS DOOR DE TONDEUS! De haarsnijder kan er niet genoeg van krijgen, door iedereen over diezelfde kam te scheren. Voorwas, HOOFDWAS en een aai over de kale schedel is een genoegen dat hij zichzelf absoluut niet onthoudt. Geen gepiel met een bloempot, een zigzaggie over de achterkant, de kuif recht omhoog en het matje in de kraag, kaal gaat die schedel, KAAL, KAAL KAAL!


Met huis-, tuin- en keukengerei komt de ander aan haar trekken en wee de dame die zich overgeeft aan haar partner wanneer die de schaar erin zet. Het leed valt niet te overzien en het zal nog tijden duren voor er weer sprake is van een verantwoorde coupe. Geen kleur erin want de zon komt barmhartig aan haar trekken.
Pas de Soleill en wanneer er meewarig wordt gekeken, gaat de teleurstelling schuil achter een simpele zonnebril met als merkteken Prada. ‘Quand le Soleil dit bonjour au Montagne’, speelt zacht op de achtergrond.

Wanneer de kapsalons weer opengaan, zal menig coupe corona dienen te wachten tot er weer voldoende haargroei is ontstaan. En wat er dan niet allemaal is bespaard, het varken knort van tevredenheid en menigeen weet straks van gekkigheid niet wat hij met zijn poen moet doen. Behalve dan de ZZP’er, de personen die afhankelijk zijn van de bijstand, de ondernemer die zijn stenen als pensioen ziet verdampen, de huisjesmelker die overweegt om de huren niet te verlagen en de dominostenen die achter elkaar omvallen. Geen spel dat op dit moment hoog op de spelletjesfavorietenlijst te vinden valt en ook die puzzelstukjes, weer een aantal kwijt en de witte vlekken nemen toe, het onrustig slapen viert voor menigeen hoogtij en waar er wat te vieren valt, ook dat valt tegen.


Veertig jaar bij elkaar, weer een ander cijfer vanaf je geboortejaar, ik noem het maar. Het vakantiegevoel is heel ver weg en om nu voor de vierde keer het huis weer te gaan zuigen, maar weer een boodschap doen om de spreiding te vermijden, een tandarts bezoek stond vandaag op mijn programma alsook een uitnodiging om bij Kees en Marijke van hun koffie in hun riante appartement te kunnen gaan genieten, dat maakt de eenvoud zo bijzonder.

En wanneer Marijke die tondeuse hanteert en Kees dit als een onschuldig schaap ondergaat, zowaar het bracht mij op dit bericht en ach, ook ik knijp nu geregeld een oogje DICHT!

Ter OVERdenking

Mistroostig. Dat is vandaag mijn gemoedstoestand en ik zal waarschijnlijk niet de enige zijn. Ben ik, zijn wij niet tijdenlang gewend om het een dan wel het ander uit die Hoorn des Overvloeds te plukken en waren wij zo met onszelf bezig dat het ik en het haantje dat ook in mij verscholen ligt, niet veel beter wist te doen dan de nodige graantjes mee te pikken?! En waar een volk dat leeft onder een niet zichtbare knoet, zich minder druk maakt omtrent de toekomst?! Het huidige nu bepalend is voor straks?! En waar gisteren nog de leidraad was voor wat betreft de dag van morgen, de morgen die geheel en al in het water dreigt te vallen. Dat het redden wordt wat er nog te behappen valt en dat 75 jaar bevrijding op dit moment niet geheel en al als bevrijding wordt ervaren?


Dat de blik voor een deel naar binnen is gekeerd en dat het hedonisme van de afgelopen tijd mogelijk wordt omgebogen naar vormen van nederigheid? Dat wij denken dat te kunnen doen door na te laten te bedenken wat dit mogelijk voor een ander kan betekenen? Dat wij slaven zijn geworden van onze hang naar het bevredigen van behoeften? En dat wij ons niet hebben gerealiseerd welk juk we door deze instelling op de schouders hebben genomen? Dat wij de gewoontes die wij ons hebben gepermitteerd als vanzelfsprekend zijn gaan ervaren?


En wanneer ik het woord wij gebruik bedoel ik daar zeker ook mijn ik mee. Waardoor ik in kan ruilen voor een wij en niet te benauwd ben om ook naar mezelf te wijzen. Waren wij niet met z’n allen bezig om naar zij te wijzen terwijl wij eigenlijk naar onszelf hadden moeten wijzen? Het geven van de schuld aan de ander een pleidooi om jezelf vrij te spreken? Want wat die anderen doen dan wel deden, daar maakte ook ik mij schuldig aan. Het vanzelfsprekende van een hapje, een drankje, een gesprek, een lidmaat van het een dan wel het ander, het streven naar je idealen, het vanzelfsprekende van weer een dag in opperste ledigheid door te brengen en je afvragen wat de dag van morgen je zou kunnen gaan brengen?
Want gisteren voorbij, vandaag even stilstaan opdat het morgen…


Maar dat is pas voor morgen. Dat is een straks wat op losse schroeven is komen te staan, dat is voorbehouden aan mensen die mogelijk nog afhankelijker zijn dan dat ik mijn eigen afhankelijkheid ter discussie wens te stellen. Men doet maar en ik zie wel, maar dat is nu verleden tijd. Ik zie met hen mee en denk dat mijn zijn in de toekomst niet veel anders zal zijn dan dat die gisteren is geweest.


Maar ook daar kan ik me deerlijk in vergissen, daar kan ik nog weleens hardlopend op terug komen, daar zal ik anderen ontmoeten die zich mogelijk in dit verhaal herkennen en van daaruit zal een andere weg, een andere koers kunnen worden uitgezet.


Maar ook dan zal de zon weer schijnen, blijven de vogels nog steeds fluiten, zal de zomer droogte brengen en het najaar weer andere kleuren dan de kleuren die zich momenteel voordoen. Het lentegroen zal gaan vergroenen, het gras zal anders kleuren, de halmen blijven wuiven en de oogst zal zich kenmerken door een vorm van angst.

Scroll Up