geen titel

Door 28 november 2011

Geen titel. Geen verhaal. Want een verhaal dient wel van een titel te worden voorzien. Nu dacht ik vanochtend aan het volgende. Natuurlijk heb ik vele malen in mijn leven met enige regelmaat met vuur gespeeld. Soms niet geheel bewust en op andere momenten juist heel bewust. Daardoor niet alleen mijn vingers gebrand, maar nog veel veelvuldiger op de blaren gezeten. Naar mijn idee niet altijd even terecht. Want bij terechtwijzing is het veelal de inkeer die een rol gaat spelen. De hoop op een zekere inkeer. En, vanzelfsprekend, het voornemen. Het goede voornemen in deze. Maar…

dat beest is veelal grijs. Grijs en in grote mate eigenwijs. Tegelijkertijd dan ook weer slim. Stoot het zich ene keer, dan is dat een les voor het leven. In tegenstelling tot mijn persoon. Ik stootte me, met een onzekere regelmaat, nogal eens aan een vergelijkbare steen. Hetgeen mij een aantal keren niet op een uitbrander, maar wel op een berisping kwam te staan. Daar kijk ik, met het nodige ongenoegen, op terug. Was ik de man die grenzen opzocht? Of was ik meer de man die zijn oprechte nieuwsgierigheid probeerde bot te vieren? Was ik op zoek naar de persoon van de ander? En gebruikte ik daar niet altijd gangbare methoden voor? Stond ik minder stil bij de persoon van mezelf en bleef de nieuwsgierigheid naar de persoon van de ander mijn ‘leitmotiv’?!

Al eerder heb ik het gehad over mijn goed doen en mijn minder goede daden. Maar mezelf typeren als een onbehouwen vlegel, vind ik, eerlijk gezegd, wat ver gaan. Toch kan ik me voorstellen dat ik anderen mogelijk verdriet heb aangedaan. Daar bied ik dan oprecht mijn excuses voor aan. Want dat is nimmer mijn bedoeling geweest. Vanwaar dit moment van inkeer?

Pelgrims. Onderweg naar Santiago de Compostela. Reden van mijn pelgrimstocht naar het museum: nieuwsgierigheid, ik verlang terug naar de camino, ik wil zelf een pelgrimstocht maken. En dat laatste zou, indien mijn omstandigheden ietwat anders zouden zijn, een overweging kunnen zijn. Samen met Jan. Want velen hebben de tocht naar zichzelf schaamteloos mogen ontdekken. Als in de volgende kreten naar voren komt. Het zijn niet zozeer kreten maar meer vragen omtrent jouw zijn. Mijn zijn in zekere zin. Als: ‘dit liet ik achter aan het eind van mijn tocht.’ De vraag waar het om spant is echter: ‘als ik ooit een pelgrimstocht maak, dan doe ik dat omdat…’

Die vraag. Eigenlijk de meest wezenlijke vraag die een mens zich kan stellen. ‘Als ik ooit…’

Een vraag die ik, met diezelfde regelmaat, nog steeds dagelijks zie passeren. Waar ik dan ook mijn stemming voor een deel op aanpas. Of beter gezegd, als mijn stemming er zo uitziet zoals de laatste tijd, heeft het er veel van dat die vraag ‘als ik ooit…’ een nogal sombere reactie naar voren brengt. Niet echt opgewekt. Meer realistisch. Of te wel een beeld dat enigszins doet denken aan…

het is nu eenmaal niet helemaal zoals ik mij de zaken had voorgesteld. Ik blijf dan ook een beetje hangen in mijn eigen gezeik. Noem het geen zelfmedelijden maar elementen daaromtrent kan ik niet geheel ontkennen. Het heeft ook wel wat weg van een dwalen. Verdwalen. Gelijk een labyrint. Ik ervaar een beweging vanuit de buitenwereld – en hoop, door allerlei omwegen – tenslotte uit te komen in de ‘kern.’ Mijn kern. Dan ook stokt mijn verhaal. Dan raakt, als het ware, de kern weg. Mijn kern is dan ‘pleite.’ En daar kan ik dus helemaal niets mee. Ik wil dan vloeken. De hele wereld gaan vervloeken. Iedereen om wie ik geef vervloeken. Niets meer leuk te vinden. Nergens meer aandacht aan besteden. Gewoon net doen alsof ik gek ben. En daardoor kan zijn wat ik niet ben…

Gestoord in zekere zin. En die zekere zin blijf ik nog maar even te herhalen. Misschien wel tot vervelens toe…

en dat terwijl Marjolijn vandaag verjaart…

Be Sociable, Share!

Tags: , ,

Dit bericht was geplaatst op maandag, 28 november 2011 om 20:11 en opgeslagen in Overigen. Je kunt reacties op deze vermelding volgen via RSS 2.0 feed. Je kunt een reactie achterlaten, of trackback vanaf je eigen site.

1 Antwoord op “geen titel”

  1. robertjan Schreef:

    ’t is zacht voor de tijd van het jaar, mogelijk loopt het kompas van mijn ziel nog in het tempo van een jaar gelee. Doen er zich herinneringen voor. Leven we in een land waar het gewoonte is te accepteren dat er meer naar binnen gekeken wordt. De luiken die zich zomaar mogen sluiten, gewoon omdat je hier toch wel overleeft al keer je iedereen de rug toe. Kennelijk zitten er in ons nog sporen van andere tijden. Tijden waar het sluiten van de luiken het verkennen van de binnenwereld kon betekenen dat je op een zijspoor kwam, of erger…
    Op zoek in die bovenkamer naar… wat al niet zal zijn, worden of zijn geweest. In ieder geval wat we ervan gemaakt hebben. Ook hierin de grenzen overgaan te wiederholen wat we nooit verliezen willen.

    Een groot Hart..!

Laat een reactie achter

Je moet ingelogd zijn om een reactie te kunnen plaatsen.