Sam en het vliegtuig

Geplaatst door Wik 27 januari 2012

Geitenwollen sokken. Worden veelal gedragen door nogal sullige, milieubewuste mannen (meestal met baard), die het verder goed bedoelden. Vaak gezien in combinatie met sandalen. Jezus sandalen voornamelijk. Of zou de goede man al slippers hebben gedragen?
Gesticht. Krankzinnigengesticht, zenuwgesticht of zenuwinrichting zijn in onbruik geraakte termen voor een psychiatrische inrichting. Een enkele keer hoor je nog wel eens zeggen: ‘Iemand heeft zeker de deur van Paviljoen 3 open laten staan…’ Paviljoen 3 was de psychiatrische afdeling van het Wilhelmina Gasthuis (kortweg WG) in Amsterdam.
De familie Doorsnee. Populair hoorspel van Annie M.G. Schmidt (1911- 1995) over het leven van een doodgewone familie. Pa is zuinig en ma wil graag ‘nieuwerwetse’ zaken als een tv en koelkast. Door de humoristische manier van vertellen wordt het gezin zeer herkenbaar en geliefd. Dit radiofeuilleton met Hetty Blok en Cees Laseur was van 1952 tot 1958 eens in de twee weken op maandagavond bij de VARA (Vereeniging van Arbeiders Radio Amateurs) te beluisteren.
Van Drees trekken. Betekent: een ouderdomsuitkering ontvangen. Naar Willen Drees (1886 – 1988), minister van Sociale Zaken (1945 – 1948). Hij maakte de Noodwet Ouderdomsvoorziening die in 1947 in werking trad. Deze wet is de voorloper van de Algemene Ouderdoms Wet uit 1957. Willem Drees was toen inmiddels minister-president.
Drollenvanger. De drollenvanger, officieel plusfour, is een over de knie vallende pofbroek die voornamelijk door mannen werd gedragen. De plusfour raakte na 1860 in de mode. De broek viel ongeveer 10 centimeter onder de knie, in de Engelse maatvoering vier duimen, wat de verklaring is voor de naam van het kledingstuk. De plusfour (de knickerbocker is een wat kortere versie) werd vooral gedragen als overgang van de korte broek tijdens de lagere schoolleeftijd naar de lange broek, tussen het achttiende en twintigste levensjaar. Na de oorlog raakte deze gewoonte in onbruik. Een bekende drager van de plusfour is de stripfiguur Kuifje.
Duimdrop. Een beetje kleiachtige drop, die je rond je duim kon plakken om er vervolgens (uren!) op te sabbelen. Ander snoepgoed van toen: zwart-op-wit. Of tumtum: een mengsel van gumballetjes, kleine pepermuntjes en chocoladeflikjes, vaak versierd met musket, kleine harde bolletjes suiker. De gumballetjes worden van gelatine gemaakt, waaraan dan een fruitig smaakje is toegevoegd. Aan de buitenkant zijn deze van suikerkorrels voorzien.

Hokken. Verouderde term voor ongetrouwd samenwonen. Als je een kamer kon bemachtigen – veel geld was er natuurlijk niet – richtte je die in met rieten dan wel biezen matten en zeil op de vloer, rotanmeubels, sinaasappelkistjes, een betaalbare Pelgrim-kachel en een opklapbed.
Verzamelen. Het laat zich niet bewijzen, maar ook mijn indruk is dat er vroeger minder verzameld werd dan tegenwoordig. Niet meer dan in het verleden. Neem nu eens een willekeurige supermarkt. Zijn het geen voetbalplaatjes, dan is Dolfje W. de aangewezen persoon om het Huis op te gaan volgen. Of zijn het stukken plastic dat het milieu weer weet te belasten. Machtig verpakt in folie. Gedrukt opdat het de ogen raakt. Of pakt. En het daaropvolgende gedreins: ‘mam, mag ik… ‘

Verleden en heden innig omstrengeld in een onzekere toekomst. Want wat was wordt nog even geboekstaafd. Het ouderwetse spaarbankboekje. De spaarzegels. Vivo die de lakens uitdeelt. De tijd die besteed werd aan teenagers. Of de toestand in de wereld door Meester ‘Geebeejee’ Hiltermann. Of die bekende Tomado rekjes. Rood, geel, blauw, wit en grijs. De zwarte dragers. Waar hingen ze niet? Of het sparen voor de uitzet. Walra, het merk. Gelijk de dekens van AaBe. Van wol nog wel.

Pudding en Gisteren. Al gepasseerd. Neen, dan Sam en Moos. Met de stem en het gezicht van Max Tailleur. ‘Sammie zit in een vliegtuig en moet nodig pissen. Hij pist uit het raam, maar het raampje valt naar beneden en hakt zijn lul eraf. De lul valt in een augurkenveld. Een week later leest Sammie in de krant: in een augurkenpot van Kesbeke vinger zonder nagel gevonden.´


Kesbeke. Te goedertrouw. Maar wel een bedrijf dat garant staat voor de authentieke Amsterdamse uien! En beter kan ik ze niet bedenken. Vandaar!

Tags: , , ,

Even terug naar gisteren

Geplaatst door Wik 26 januari 2012

Voetangels en klemmen. Niet dat ik verwacht daarmee de voorpagina te halen, maar toch…. Niet geschoten blijft altijd mis. En als ik ergens de pest over in heb, is het wanneer ik nalaat te schieten. Neem nu gisteren. Toen waren het vooral de voetangels die klemden. Het voelde alsof ik wel bewoog, maar niet vooruit kwam. Een beetje alsof ik stilstaand voorbijging. Stijf onder de dope zat. Met mijn rug tegen de muur stond. Ergens een peloton werd opgesteld. Het geweer dat wordt geschouderd. Ik niet veel meer hoefde te doen dan gelaten afgemarcheerd. Er zelfs geen sprake was van een begroeting. Laat staan van een oprecht afscheid nemen. Mijn voeten klemden. En ik zag er geen heil meer in. Probeerde nog wel te kijken of ik bereik had. Maar zelfs die symbolen lieten het dit keer afweten. Hoeveel masten ik ook zag, het klemde en bleef beklemmen. Op de vraag: ‘hoe gaat het nu met U?!’, moest ik dit keer het antwoord schuldig blijven. Verbaasd reageerde ik. ´Ben ik nu ook al een U, U zult zich wel vergissen!´ Daarna was het tasten. Tasten in het duister. Ik zag er geen gat maar in. En wachtte simpelweg af. Tot nu!

Straks! Straks gaat het weer een stuk beter. Dan komen mijn vader en moeder weer langs. En nemen zij gebakken bokking mee. Gewikkeld in een ouwe krant. Dat wordt smullen! Van dat smikkelen heb ik mijn buik meer dan vol. Iedere keer weer datzelfde liedje. Iedere keer weer diezelfde vraag. Dat het hun de strot niet uitkomt! Nou, de mijne allang. Daar houden ze geen rekening mee! Ze houden nergens rekening mee! Ze hebben geen begrip! Straks moet ik naar de zaak! Maar er is niemand die mij daarop attendeert! Alsof ik nog niet genoeg aan mijn kop heb! Bellen! Zelfs die stomme telefoon is aan de loop. De draaischijf verdwenen! Er zitten knopjes op. Maar die symbolen kan ik niet lezen. Verdomme, nou is mijn bril ook nog weg! Misschien we achter die telefoon aan! Wie kan ik nu om opheldering vragen. Straks, straks komen pa en ma. Hoop dat zij een gebakken bokking hebben meegebracht. Een harinkie mag ook. Als ze maar niet van die verdomde uien meenemen. Hooguit wat zuur. Zo´n ouderwetse zure bom. Wat zal de pot straks schaften…

Moet pissen. Moet ik ook weer zelf doen. Zoals ik altijd alles zelf moet doen. Mijn verschoning klaarleggen: een keer in de week een schone onderbroek. Da´s mooi genoeg. Zo´n ouderwetse witte. Met een gulp. Ik moet er niet aan denken over de rand heen te moeten pissen. Kan ik hem weer richten: op die vlieg in de plee. Wat is dat: een zuster! Wat doet die hier in hemelsnaam. Oh, ze spreekt me aan: ´hier zijn Uw medicijnen!´ ´Neemt U ze direct in, dan vergeet U ze straks niet!´

Medicijnen heb ik niet nodig! Ik ben wat stram, maar dat komt omdat ik wat minder sport. Maar ik heb nog steeds een lichaam als een Adonis! Moet straks nog even voor de spiegel staan. Mijn haar verwennen met Brylcreem. Kan ik ook nog even bij de barbier langs. Gepikt en geschoren het weekend in. Verdomme! Een pikketanussie gaat er altijd in. Doe mij maar een jonkie! Waar is mijn jas nou weer gebleven. Je kan hier ook niets even laten liggen. Kijk nou: een Afghaan! Bruin suède met langharig bont. Wat moet ik aan mijn voeten trekken. Simpel, mijn bordeelsluipers natuurlijk!
Clarks. Suède met een zachte zool. Moet je mij nou zien! Heeft die verdomde kapper weer die bloempot op mijn kop gezet. Ik lijk boer Koekoek wel. Zit die Uyl nog steeds in de olmen. Zit´íe zeker lang alleen! Je kunt nu eenmaal niet alles hebben!

Mijn borstrok! Ja, natuurlijk met lange mouwen. En daar dan mijn jaeger onderbroek bij. Ja, natuurlijk ook mijn lange. Je denkt zeker dat ik niet door heb dat het herfst is! Nou, mooi wel! Ik mag dan wel een beetje ouder lijken, van binnen klopt nog steeds het hart van een jongeling! Dat zou ik maar niet vergeten, als ik jou was. Heb je al iets van mijn pa en ma vernomen. Nog niet. Dat duurt dit keer wel erg lang. En die klok schijnt ook alleen maar haast te maken. Kan de cijfers bijna niet meer zien. Waar kan ik nou verdomme mijn bril gelaten hebben. Straks raak ik de tijd nog kwijt! Kan ik al naar bed. Kan min ogen bijna niet meer openhouden. Iedere keer als ik die medicijnen slik word ik zo duf als een ouwe aap. Oud van jaren, jong van geest! ´Och was ik maar, bij moeder thuis gebleven…

De zuster treft een slapende bewoner aan. De man hangt wat in het laken waarmee hij aan de stoel is vastgebonden. Ook nu heeft hij zich weer bevuild. Met een tweede zorgverlener wordt hij overeind geholpen. Niet veel later naar bed gebracht. Er is geen tijd om meneer van onderen te wassen: een schone luier en de zegen voor de nacht! Tenslotte is meneer de jongste niet: met zijn 94 jaren behoort hij tot de oudste categorie. Zijn elektronisch dossier liegt er niet om: straks komt hij ook nog in aanmerking voor een elektronische enkelband. Aan de afdeling zal het niet liggen…

Tags: ,

Verbod

Geplaatst door Wik 25 januari 2012

Goed! Dan kan er sprake zijn van een belemmering. Maar liever een belemmering, dan de mogelijkheid van een val. Of een dwaaltocht, met zeer ernstige gevolgen. Dramatische gevolgen desnoods. Beter een teruggrijpen op een maatregel die vanuit het verleden al diverse keren tot discussie heeft geleid, dan stil te staan bij de mogelijk op korte, dan wel de middellange termijn. Want stel je nu eens voor…

‘Verbied vastbinden demente ouderen’ Kritiek organisaties op wetsvoorstel.
Er moet een verbod komen op het vastbinden van dementerende ouderen. Vastbinden is schadelijk voor hun geestelijke en lichamelijke gezondheid en ook ‘volkomen achterhaald’.
Dat stellen dementie-organisaties zoals Alzheimer Nederland en de Innovatiekring Dementie (Idé) in reactie op het wetsvoorstel Zorg en Dwang dat de Tweede Kamer vandaag bespreekt.

Een korte melding dit keer. Want ook ik weet op dit moment nog niet zo goed hoe de dag verder verloopt. Want stel je nu eens voor…

Goed! Dan kan er sprake zijn van een belemmering. Maar liever een belemmering, dan de mogelijkheid van een val. Of een dwaaltocht,met zeer ernstige gevolgen. Dramatisch gevolgen desn

Kennemer Woud Lopers

Geplaatst door Wik 24 januari 2012

Een artikel in de krant. Van de voormalige BLO school. Blijkt dat deze school op dezelfde locatie was gevestigd als het voormalige IJKkantoor. Wat was er eerder? De BLO of het IJ kkantoor? Ik houd het op de laatste. BLO. Stond ooit voor Bijzonder Lager Onderwijs. Speciaal bedoeld voor kinderen die niet met een veelheid aan geestvermogens gezegend waren. Waar zwakbegaafd dan wel debiel iets aangaven omtrent die geestelijke vermogens. Soms kwam het woord imbeciel naar voren. En om het geheel te completeren: ik denk dat die school niet voor idioten was weggelegd. Dit echter terzijde. Want ik raak weer wat verdwaald in de tijd. Eigenlijk een beetje in mijn eigen tijd. De tijd dat er nog geen sprake was van een jeugd- en de grote Middagoptocht. In de tijd dat Alkmaar ook toen al de Victorie vierde. Nadat het ook al een aantal jaren was verdwenen. Het jaar 1955 wel te verstaan. Maar voor dat jaar een jaar daarvoor.

Winter 1954. Stel je voor dat ik me, alsnog, aan je voorstel. Het schrift wat ik in mijn handen houd, kan ik me nu niet meer heugen. Het kleurrijk shirt wat ik aan heb, had iets van rood op grijs. Tenminste, dat is iets wat zo naar boven borrelt. En het kijken naar het vogeltje, zal mijn lippen hebben weten te ontwapenen. En die tanden? Het gebit van een jochie uit het bouwjaar1947. Een tijd die ik me niet meer kan heugen. Maar dat spreekt wel wat voor zichzelf.

Zomer 1956. Het klaslokaal verruilt voor de buitenlucht. Zal waarschijnlijk wel in de buurt van mijn n\ voormalige Lagere School zijn geweest. De Openbare van der Leeuwschool. Waar ik voor het eerst kennis maakte met een zwarte meester. Iemand die waarschijnlijk klapperolie gebruikte om zijn haar van een glans te voorzien. Want ik weet nog wel dat hij rook. Wat zoetig. En wat vettig. Dit keer was ik er niet geheel op voorbereid. Tenminste, aan mijn overhemd te zien was dit niet geheel volgens de regels dichtgeknoopt. Misschien waren er toen minder regels. Misschien…


012225 J Heem en dan ontbreekt het een en ander. Jacob van Heemskerkstraat veronderstel ik. Naast een volgend ruitjeshemd, draag ik dit keer een zomerjack. Zwart of donkerblauw veronderstel ik. Met zakjes war een koord door loopt. Twee zakjes met koorden. En mijn haar is geknipt. Model bloempot met een kuif. Waarschijnlijk bij kapper van Orden op het Zeglis. Niet te ver weg en goed te lopen. Datzelfde lachje. Alsof erin die voorbije jaren niets gebeurd is. En waarschijnlijk is dit ook zo. Hooguit dat de waterleiding in de straat voor zomerse overlast ging zorgen. Door te knappen en de straat blank te zetten. Geen datum dit keer. Waarschijnlijk omdat dit mijn vader is ontgaan. Want juist hij was de man die zich permitteerde zaken in tijd vast te leggen. Juist hij! Hij en de tijd! Hij en het weer. Hij en zijn wederwaardigheden. Niet altijd noemenswaard. Gewoon. Die dagelijkse dingen. Waar ik hem eigenlijk nog wel het een en ander over had willen vragen. Hem had willen vertellen over. Hoe het verder ging. Wat hij mogelijk gedaan zou hebben. Over het hoe en waarom van zijn leven. Van zijn keuzes. Van zijn denken. Van zijn beslommeringen. Toen…

Nog weer een foto. Ik kan me voorstellen datje de draad een beetje kwijt raakt. Zoals ik even die draad kwijt was geraakt. Wel wist van die foto maar niet de moeite deed om die foto op te gaan zoeken. En die kreet: Verkeerszondaar gezinsgevaar. Waarschijnlijk bedacht door akela Piet Vennik. Want ik zat op padvinderij. Bij de Kennemer Woud Lopers. In een ruimte waarin ook Dirk Duyvel verkeerde. Met welpen, verkenners en voortrekkers. En waar ik de titel APL mocht voeren. Apelul. Want voor Patrouille Leider was ik nog niet in de wieg gelegd. Dat was de man die aan de andere kant van het spandoek liep: Joop Geurts. Samen met hem ben ik ooit geïnstalleerd. Met een belofte. En de hand geheven. Twee vingers in de lucht. Met de linkerhand een totem vasthoudend. En Piet Vennik die ons die belofte afnam. Met dat petje op. Met die kousen aan. Die kwastjes. De groene trui. De Manchester korte broek. En de blauwe halsdoek. De stevige, bruine schoenen. En de dag dat Sint Joris de draak versloeg. Ik toestemming had om op die dag in uniform naar school te mogen gaan. Juist! Ook toen…


8 october herdenking van de Victorie te Alkmaar.
Zaterdagmiddag hield men nu eens een optocht voor kinderen geheel op eigen initiatief der jongeren van Alkmaar. Dat de verkeersproblemen ook tot de jeugd schijnt door te dringen getuigt deze verkeersuitbeelding van enige jongeren in politie uniform en spandoek terwijl een  verkeerszondaar wordt weggevoerd.

Tags: , , , , ,

droom stoom stroom room oom om m

Geplaatst door Wik 23 januari 2012

“Kijk, het overkomt eenieder van ons. De vraag die dan naar voren komt is: ‘ín welke mate?’ En met die vraag kan het dan weer een verrassende wending aannemen. Verrassen? Wending? Een verrassende wending? Het moet toch niet gekker worden! Hoezo dat? Nou, voor je het goed en wel beseft komt door de halfslaap het onderbewustzijn volledig naar voren! Met alle consequenties vandien! Halfslaap? Consequenties? Nou moet het toch niet gekker worden! Kan het dan nog gekker? Welzeker, goede gene, het kan altijd nog gekker. De vraag die zich dan weer aandient is de mate waarin deze gekte zich dan weer voordoet! Het zal ook altijd de mate zijn die dan weer bepalend is voor de gekte! De mogelijk veronderstelde gekte. Want wat is nou gekte precies?”

Neem nu eens het volgende als uitgangspunt:

Ik droom:

van eb en vloed, getijden
van weer en wind, regen
gutst over straat, in goten
een toevlucht in rioolput
takken en wat twijgen
een val, en daarna zwijgen

licht, een lamp, een paal
weer licht, een hels kabaal
en regen, striemend in mijn gelaat
en verder niemand in mijn straat

ik droom:
net contact
stekker: stroom.

Waar het bovenstaande op slaat? Er al eerder kond van gedaan. Iets met stroom. Als thema ten behoeve van de dag dat dichten voor eenieder open staat. Open en dicht. Een klank en het weerlicht. Een klap en even later breekt het duister aan. Een inslag, wat voor een doorslag weet te zorgen. Een doorslag, waarbij een transformatorhuisje het loodje legt. Een wijk in duister hult. Waar van de weeromstuit wordt besloten de behaaglijk van het bed op te zoeken. En dit keer de duisternis die een nachtkaars laat ontvlammen. En door die weeromstuit…

Ruim negen maanden later vraagt iemand van de thuiszorg of dit de juiste straat is. Voor een raam hangt een roze slinger: ‘hoera, een meisje.’

Tags: , ,

arm last ig

Geplaatst door Wik 22 januari 2012

Armlastig. Lastig als je arm bent. Rond moet komen van de bedeling. Constant ‘dank je wel’ te zeggen. Je hand op te houden. Bedeling. Bedelen om een aalmoes. Proberen iemand een euro uit de zak te praten. Om voor een nacht een dak boven het hoofd te kunnen hebben. Een bed om in te slapen. Een ontbijt, na van een douche gebruik te hebben gemaakt. En dan de straat weer op. Een herhaling van zetten. Een dagvulling. Mensen die doen alsof ze je niet zien. Mensen die mogelijk doelen voor ogen hebben. De oogkleppen, met de blik op voorwaarts gericht. De ‘targets’ die voor  een dag, een week, een maand of een jaar de richting gaan bepalen. De koers die wordt uitgezet. En de omzetten die dalen. Het straatjournaal. Over de onderarm van een voortandenloze Oost Europeaan. Waarschijnlijk. Een gesprek met hem, wordt voor een belangrijk deel uit de weg gegaan. Ook ik waag me er niet aan. Waarschijnlijk omdat ik niet direct om zo’n praatje verlegen zit. Eigenlijk ook niet zo goed weet waarover dan te gaan verhalen. Ook ik ben op dat moment een vreemde in een bekende wereld. Of een bekende in een wereldvreemde wereld. Of iets wat daar tussen huist. Iets waarbij de afkomst minder bepalend is dan de positie die op een zeker moment wordt ingenomen. Want het zijn veelal posities die de plaats bepalen. Posities. En de plaats die bepaald wordt. Niet direct door de doelstelling. Meer door de plaatsbepaling.

Zodra er sprake is van een financiële ondersteuning nodig te hebben, ben je afhankelijk. Dat maakt dan direct ook het verschil uit tussen arm en rijk, tussen behoeftig en onafhankelijk.  Niet direct hulpbehoevend noch miserabel, hoewel deze woorden ook duidelijk richting armlastig neigen. Noodlijdend, wat weer doet denken aan de nooddruftigheid die zich voordeed in de Fabeltjeskrant.  Het Bor de Wolf effect. Het enge bos, waar hij de nodige inspiratie opdeed. Om de wereld niet veel later weer met open vizier tegemoet te kunnen treden. Want openheid was toch een zekere vereiste. Eisen. Eisen die iets van een bepaalde dwang in zich bergen. En die eisen komen steeds duidelijker naar voren.  Neem nu minister Kamp. De voorwaarde die hij stelt, neigt ietwat naar het proberen de onmogelijkheid in de hand te willen nemen. Het mogelijke doen wij direct, het onmogelijke duurt iets langer. Voor sommige mensen duurt dit levenslang. En als ze dan tot de groep levenslang door die omstandigheid worden veroordeeld, dan is het de onzichtbare maatschappij die zich dan weer zichtbaar laat horen. Een gezicht krijgt. Een stem laat horen. Een oordeel uitspreekt. Een ander als niet noemenswaardig kwalificeert. Waardoor die ander juist aan die kwalificatie ten onder gaat.  Er eigenlijk niet meer toe doet.  Rest, bij wijze van spreken, in een naamloos graf. Waarbij achteraf de indruk kan gaan ontstaan, dat dat leven er  eigenlijk helemaal niets toe deed. Er ook niets toe gedaan heeft. Er eigenlijk net zo goed niet had hoeven zijn. Maar er wel was. Ooit.

Vraag niet waarom deze maalderij zich vandaag onder mijn schedel voordeed. Misschien door wat indrukken van gisteren. Een demonstratie. Van Syriërs. Mensen met vlaggen. Mensen die proberen, in den vreemde, begrip te ontwikkelen omtrent de situatie in hun land. En een enkeling die op dit vlagvertoon ingaat. Door even stil te staan. En niet veel later de kuierlatten nemen. Want niet alleen het leven gaat door, ook de dingen kennen een eigen wetmatigheid. Zoals ook mijn leven door gaat zoals het gaat. En de dingen laat die ik niet doe. De dingen denk zoals ik denk. Tenminste, als ik denk dat ik denk. Maar misschien denk ik geregeld ook niets. Of misschien wel van alles. Of iets daar tussen. In desnoods. Voor zover er misschien iets tussen in kan zijn. Het iets misschien?

Tags: , ,

U ter echt

Geplaatst door Wik 21 januari 2012

Natuurlijk bekend in stad en ommeland. Beroemd tot in Alkmaar. Althans, in mijn ogen. Want het is toch niet iedere dag dat deze naam mijn ogen laat glinsteren. Het hooguit een traan kan zijn die daar wat blikkert. Of misschien wat blinkert. Ach, dat waren nog eens tijden. Dat waren nog eens dagen. Tenminste, zoals ik dat mij nu voorstel. Want stel je nu eens voor dat mijn vader zomaar die winkeldeur uit zou komen stappen. Stel je dan verder voor dat hij een Brandaris in zijn pijpje zou steken en een volgend niet nicotine haaltje zou gaan nemen. En dan opeens die grijns op zijn gezicht verschijnt. Als die kwajongen die nog geregeld in hem verscholen ging. Waarbij zijn ogen begonnen te glimmen. En die grijns zich verbreed tot zijn hele gezicht een grote openbaring teweeg brengt. En als er dan toch geopenbaard moet worden…

en dan die Dom. Zo magistraal ondanks het weer dat geen zonnestraal liet doorkomen. Hooguit een verdwaalde paraplu toestond niet veel later ergens een afvalbak van een schermpje te voorzien. En mensen uit Syrië die demonstreerden onder het toeziend oog van een tweetal dat de bereden politie vertegenwoordigde. Zij hielden zich wat afzijdig. Waren wel kleurrijk aanwezig. In tegenstelling tot de vlaggende demonstranten. Deze lieten zich slechts horen. En vroegen verder de aandacht van passerende demonstranten, die zich op het plaveisel lieten aanschouwen. Met daar diverse teksten bij. Die ik dit keer achterwege laat.


Een tosti bij Orloff. Een colaatje erbij en de regen die weer van zich laat zien. Want horen doe ik het dit keer niet. Daar is het niet alleen veel te gezellig, maar ook te rumoerig voor. Zo’n ouderwets café waar de toiletten zich boven bevinden. Traplopen op, wachten en dan weer traplopen neer.  De plas boven achterlatend en de gang om dan op tijd, droog, eerder beneden aan te komen. Gelukt! Tot mijn grote voldoening! Want ook dat hoort er een beetje bij.

Zoals wij vandaag wat door Utrecht doolden. Winkels in en wat winkels uit, Hoog Catharijne door en dan weer naar het centrum, en prikkels opdoen, heel veel prikkels opdoen. In zo’n uitgesproken stad ontkom je daar niet aan. Vandaar ook dat wij heel voldaan zijn teruggegaan. We lieten ons leiden door de stroom en stroomden met de stroom mee. Het zat ons mee en geenszins tegen. Ging alles maar van zo’n leien dakje als vandaag de stroom ons op het juiste spoor wist te houden. Stroom zeg je? Hoe dat zo?


Uw ‘stroom’ van poëzie voor de Nationale Gedichtendag. De Nationale Gedichtendag van 26 januari heeft dit jaar als thema ‘Stroom’. Het Noordhollands Dagblad wil daarom aanstaande donderdag gedichten van lezers publiceren. Stroom. Als bron van energie, van een rivier, gedachten en reacties. Alles kan en van alles zou mogelijk gaan kunnen. Zou zomaar kunnen dat van alles begint te stromen, een overvloed aan gedachten zich van mij meester maakt en ik niet weet hoe dit geheel te kanaliseren. Hetgeen gegeven wordt liegt er ook niet om: Het stroomt, het stroomt, het staat nooit stil. Een Tabula Rasa wat aan Panta Rhei doet denken. Als dan Bram Vermeulen nog ergens een steen verlegt…

 

Tags: , ,

Kampioen

Geplaatst door Wik 20 januari 2012

Natuurlijk zijn ze altijd welkom! Want als ik ergens om verlegen zit, schroom ik niet om mijn potentiële hulpbronnen te raadplegen. Nu weet ik wel dat ook die hulpbronnen niet over een complete leegte aan tijd beschikken, zij veelal bezig zijn om de dagelijkse kost bij elkaar te schrapen dan wel te harken, de vergoeding die wordt uitgekeerd terwijl ze hun noeste arbeid blijven continueren, en desondanks veelal genoegen dienen te nemen met de stank, dan nog is het voor mij een voorrecht dat meer dan driehonderd gasten per maand tijd voor mij weten in te ruimen. Dank daarvoor! Besef dat door dit te weten ook het genoegen zich aan mijn kant schaart! Want zonder genoegen wordt het over het algemeen een kleurloos geheel. Vandaar dat ik me voor vandaag toch weer wat onmogelijke keuzes heb opgegeven. Dit keer door een artikel in de Kampioen. Het onvolprezen clubblad van de Algemene Nederlandse Wielrijders Bond. Waarin een oproep wordt gedaan. Die als volgt luidt:

In het maartnummer: Mijn Nederland.
Het enige land dat meer fietsen heeft dan inwoners. Waar de nationale specialiteit ‘kroket’ heet (liefst uit de muur) en waar hartstochtelijk wordt afgegeven op het weer, de files en de buurman. Wat is jouw Nederland? Upload voor 27 januari je foto op…


Ik nam een besluit! En besloot een drietal foto’s mee te laten dingen. Want je weet maar nooit wie juist in deze categorie mogelijk met de eer gaat strijken. Op welke foto’s dit keer mijn keus is gevallen? Twee plaatjes uit Utrecht en een plaatje uit Woudsend. Beide nu niet direct om de hoek, vanuit Alkmaar bekeken. Alkmaar, een onbeduidende vlek in het vergelijk met de rest van Nederland. Een stad met een verleden. Een stad met een historie. Een club dat deze stad vertegenwoordigt met een zekere trots. Zeker sinds gisteren. Eigenlijk ook een stad die vandaag moeilijk kapot kan gaan. Dit waarschijnlijk ook niet doet. Zeker niet nu de plaatsen waar de rolemmers zich dienen te vervoegen, zichtbaar zijn gemaakt. Tegenover huizen die niet meer in het bezit van een rolemmer zijn gesteld. Die hun afval in restcontainers kunnen storten. De zijbelading weer zoveel gemeentewerkers overbodig zal gaan maken. Waar op de grijze bakken stickers van Gemeentewege verschaft, duidelijkheid gaan bieden omtrent de afstanden. Die tussen de bakken geboden dient te worden. Voor de leek: 10 centimeter. En juist voor de mannen onder ons geldt de volgende vuistregel: juist, een vuist! Want mannen hebben nog steeds last van inschattingsfouten. Het zal niet de eerste keer zijn dat een gemiddeld vingerkootje voor ruim tien centimeter wordt aangezien…


En dan Jan. Meurs in dit geval. Het is dat Jan geregeld met een driedubbele tong spreekt (in dit geval niet alleen namens zichzelf maar ook met de tong van Ton en Erik), dat hij met de eindopdracht komt. ‘En er was licht…’ zowel letterlijk als in overdrachtelijke zin. Het hoeft geen betoog dat ik daar nu reeds mijn gedachten over laat gaan. Verder zal ik de deur voorlopig niet verder opentrappen als dat ik, rap als ik ben, ook nu weer een beroep doe op deze dan wel gene, aan de ander kant van dit medium. Ik zou me zelfs kunnen voorstellen dat, met deze vrije keuze, ook andere foto’s alsnog uit het verleden zouden kunnen opstaan. Weet verder dat ik met smaak en genoegen dit keer naar gene zijde uitkijk en voilâ, voor ik het besef en jij het weet…

Tags: , , , , , ,

Ajax-AZ: 2 – 3 TE rech TE uit slag

Geplaatst door Wik 19 januari 2012

Kijk, het is Ruud weer gelukt! Wat kan die man fantastisch over zijn soepele geest beschikken! Gaat zijn verhaal niet over een rompertje, kan het zomaar zijn dat hij struikelt over zijn eigen burgerinitiatief. Alsof hij weet dat in het verleden Edammertjes nog weleens de Voordam in rolden, het nu die verkapte wagenwielen zijn die voor Goudse doorgaan. Of verslingert hij zich met Berend Ulrich in de archieven van deze laatste. Tovert nostalgische plaatjes uit de jaren zestig/zeventig tevoorschijn, waarmee hij direct een zweem van nostalgie onder oksels tevoorschijn tovert. De fnuikende machten van ooit Kaasbouters, de opstandige Spoorbuurtelingen, en de magistrale Roel de Wit en met name ook Piet Ijssels die het geheel wisten te kanaliseren. Althans ogenschijnlijk.

Want wat zich achter de schermen voordeed, liet zich ook toen al raden. Macht en gezag, regels en het opzoeken van de grens, waren toen ook al verbeten punten. Strijdpunten als het ware, ware het niet dat van een openlijke strijd in Alkmaar geen sprake kon zijn. Daar was Amsterdam uitermate geschikt voor! En die strijd deed zich vanmiddag, onder de ogen van zo’n 20.000 geregelde lagere school spijbelaars, voor in de Arena. Geef het volk een krentenbol en spelen! Want niet veel meer is nodig om ook ouders, deze keer onder de noemer van begeleider, nar Amsterdam te lokken. En waar is die vermaledijde Ruud?! Wel, hij deed er een bal bij. Onder die noemer neem ik dit keer van harte zijn zestig seconden integraal over. Want ook ik kan het niet laten om de noemer ‘beter gejat’ dan stupide bedacht de Heer Schmitz letterlijk te citeren.

BAL

Moet je ze zien zitten, Zwitsal-snuivers. Hé! Ja, jij daar… in dat andere vak. Hoor je me niet of zo? Heb je nog een wattenstaafje in je oor? Ja? Kom maar! Kom dan? Lukt niet hè? Kruiper dat je d’r bent! Wat moet jij? Gaan we ons er mee bemoeien? Vlashoofd!

Wat? Ooooooo? Gaan we op die autoped? Moet je een Pamper naar je fontanel? Incomplete blokkendoos! Kijk ze kijken. Krijg de waterpokken allemaal. Let op. Ja op het veld. Scheids, dat kan niet hoor. Rare roodvonk.

Wat nou, wat nou? Moet je een potje Olvarit naar je membraan (m)? O ja, meneer heeft z’n prikkie zeker nog niet gehad? Pokkenbezitter, mazelenlijer. Ja, stik maar lekker in je kinkhoest. Kijk, daar komt er eentje het veld in. Joh, hij valt de keeper aan. Met zijn rammelaar!

Huh? Moet je van me? Heb ik iets van je aan? Een rompertje of zo? Piskijker. Hallo, half ingedaalde teelbal, zal ik jou eens even de bof geven?”

Vanmiddag is de wedstrijd Ajax- AZ, met alleen maar kinderen op de tribune. Als dat maar goed gaat… stelt Ruud.

 

En het ging goed! AZ deed het drie keer in dat andere doel en Esteban liet er waarschijnlijk maar twee door. GertJan was overduidelijk in zijn analyse: wij speelden beter! Terecht dus deze overwinning. Ergens zal het wel schrijnen. Ergens zal het wel zeer doen. Ergens zal er ook blijdschap te ontdekken zijn. Waarschijnlijk voor een groot deel in die kinderogen. En waar de een zijn lach niet kan onderdrukken, zal het elders mogelijk een traan tot gevolg kunnen hebben. Het is maar een spelletje. Niet alleen voor de groten. Want juist door die groten konden juist die kleinen maximaal genieten. Wat mij betreft komt de KNVB tot een aantal herhalingen in deze. Het zal de Minister in deze (van Bijsterveldt) zeker geen goed doen dat op deze manier het onderwijs weer een aantal lesuren minder zal ondergaan. Ik vraag me alleen af wat de impact van zo’n gebeurtenis op al die jongelingen kan hebben. Mogelijk dat juist zo’n happening niet alleen jarenlang beklijft, maar ook nog eens vele uren filosofie dan wel maatschappijleer, dan wel sociale omgangsvormen versneld erin weet te rammen. Geen woorden dit keer, maar daden door een vijfentwintigtal volwassenen omdat 1 halfwas zo nodig onvolwas moest zijn…

Tags: , , , ,

Een oude vrouw overdenkt vlak voor haar sterven haar leven

Geplaatst door Wik 18 januari 2012

‘Toen de vergauweloosden nog verliefden waren hadden zij zich gezworen niet te willen leven zonder elkaar, ze hadden de zin van hun bestaan overgemaakt aan elkaar en het verdwijnen van de een zou om het verdwijnen van de ander schreeuwen. Bij bejaarden gaat dat vaker op een natuurlijke wijze: valt de ene dood dan haast de andere zich om te sterven zonder dat het moeite kost.’

Uit:

Mevrouw Verona daalt de heuvel af, Dimitri Verhulst, Uitgeverij Contact, Amsterdam/Antwerpen.

Ik weet niet of het mag, en omdat ik ergens lees dat dit boek mede tot stand is gekomen met de steun van het Vlaams Fonds voor de Letteren, doe ik het maar met een bijkans in “Godsnaam.”

Oud worden als zodanig is geen ziekte,maar wel, voor velen, een last. Vooral in deze tijd, om de volgende redenen:

  • aan ouden van dagen wordt weinig ruimte gelaten, niet alleen in letterlijke zin (steden en wegen zijn beheerst door snel en lawaaiig verkeer), maar ook en vooral omdat een kwieke, sportieve en seksueel-vaardige volwassenheid tot voorbeeld van leven dient.
  • De snel veranderende levensstijl voert tot misverstand en conflict tussen de generaties, wat maakt dat de ouders, vooral in westerse landen, minder vanzelfsprekend bij hun kinderen wonen, die daartoe trouwens dikwijls geen ruimte bezitten. Gevolg: verblijf in een tehuis voor bejaarden, bejaardenflat, verzorgingsflat, oorden die (niet steeds) perfect geoutilleerd zijn, doch waarin de bejaarde niet zelden een geïsoleerd, eenzaam bestaan voert.
  • Voor velen duurt de ouderdom te lang. Talrijke intercurrente ziekten, die vroeger de vooral gebrekkige ouderdom bekortten, worden bestreden. Het resultaat bestaat in een lange tijd van lichamelijke en geestelijke invaliditeit. Men kan slechts vrezen wat op dit punt nog te gebeuren staat.

    Het syndroom der dementie:

    het dementie-syndroom wordt gekenmerkt door dementie – verstandelijke aftakeling. Daarnaast een aantal symptomen, te weten – bradyfrenie: langzaam en bemoeilijkt denken, – affectlabiliteit en affecttraagheid en – vermindering van activiteit en spontaniteit.

    Algemeen organisch syndroom.

    Het dementie-syndroom kan optreden bij alle hersenafwijkingen die gepaard gaan met verlies van hersenweefsel. Voorbeelden hiervan zijn: ouderdomspsychosen als – dementia senilis en dementia arterio sclerotica.

    Vereenzaming, wanhoop en het vaste besluit niet aan langzame uitputting te gronde te willen gaan, doen het zelfmoord cijfer in de laatste levensfase stijgen.

‘Omdat de praktijk van de dichtstbijzijnde dokter zich in een naburig dorp bevond, ging zo goed als de voltallige bevolking van Oucwègne in geval van ziekte naar de dierenarts. Veel verschil kon er overigens niet schuilen tussen een varken en een mens wanneer je de anatomische prenten in de wachtkamer van Mme Lunette mocht geloven, en wie de gelijkenissen weigerde te aanvaarden hoefde maar even op handen en voeten te gaan staan. Een zak met wat darmen en poten eraan, bij elkaar gehouden door een karkas en slijm. De kringloop van vreten en schijten voltrok zich in alle lijven, de hogere als de lagere, de gaten dienden overal voor dezelfde smerigheid, en de luizen en de teken smaakten zelden het onderscheid. Hoe ze hun tijd tussen het neuken en het eten verdeelden durfde dan wel eens te variëren, ze waren beide speelballen van bacteriën, kokken, bacillen en spirillen, met dezelfde klieren en dezelfde kankers, en wie de moed had om hierbij stil te staan, begon zich af te vragen waarom het esculapenschap zich had vertakt in een orde voor een beest en een orde voor alle overige beesten.’

Uit:

Mevrouw Verona daalt de heuvel af, Dimitri Verhulst, Uitgeverij Contact, november 2006.

Tags: , , ,